Impasse over generaal pardon duurt voort

DEN HAAG - De impasse over de komst van een generaal pardon voor asielzoekers die langer dan vijf jaar in Nederland verblijven, duurt voort. Het kabinet vindt een pardonregeling onwenselijk en onuitvoerbaar en vindt dat er tijdens de kabinetsformatie naar gekeken moet worden.

Ook de eis van de Tweede Kamer om uitzettingen te staken tot er een pardonregeling is, legt het kabinet naast zich neer. Minister Rita Verdonk (Vreemdelingenzaken) wil hoogstens voor een paar dagen, tot een volgend Kamerdebat over het onderwerp, "een pas op de plaats" maken.

Uitzettingen

PvdA, GroenLinks, ChristenUnie en D66 houden voet bij stuk en eisen dat Verdonk de uitzettingen voor langere tijd opschort. Ze nemen geen genoegen met de argumentatie van het kabinet dat onduidelijk is om welke groep asielzoekers het gaat.

Asielzoekers

Volgens Verdonk zou een pardonregeling kunnen betekenen dat ongeveer 200.000 ex-asielzoekers die sinds 1994 zijn teruggekeerd of met onbekende bestemming zijn vertrokken, zich melden met de mededeling dat ze al die tijd in Nederland hebben gewoond. Dat is moeilijk te bewijzen en het zou voor de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) enorme capaciteitsproblemen opleveren.

Een generaal pardon zou volgens Verdonk bovendien kunnen leiden tot rechtsongelijkheid tegenover ex-asielzoekers die de afgelopen jaren wel zijn teruggekeerd. Ook om staatsrechtelijke redenen is de motie volgens het kabinet niet uitvoerbaar. Bovendien vreest het een aanzuigende werking.

Pardonregeling

De motie, ingediend door PvdA-leider Wouter Bos, vraagt om een pardonregeling voor alle asielzoekers die hun eerste aanvraag onder de oude Vreemdelingenwet (voor 1 april 2001) indienden en ons land sindsdien niet meer hebben verlaten.

Volgens PvdA en GroenLinks is wel precies bekend om welke asielzoekers het gaat, een groep van maximaal 39.000 mensen die ooit onder de terugkeerregeling vielen. Een deel daarvan is al vertrokken. "Namen en nummers zijn gewoon bekend", stelde PvdA-Kamerlid Jeroen Dijsselbloem.

Gelegenheidsargumenten

"De argumenten die het kabinet gebruikt zijn gelegenheidsargumenten", zei GroenLinks-Kamerlid Naïma Azough. Die moeten volgens haar het gebrek aan politieke wil maskeren.

Dat de demissionaire status van het kabinet niet tot aanpassingen van het beleid zou kunnen leiden, accepteren PvdA en GroenLinks ook niet. Ze vinden dat de nieuw gekozen Tweede Kamer, met een linkse meerderheid, staatsrechtelijk in haar recht staat.

Verdonk

De PvdA wil dat Verdonk met een nieuwe brief komt waarin ze ingaat op de opschorting van de uitzettingen. Verdonk sprak wel over een opschorting van enkele dagen in haar mondelinge toelichting, maar heeft er niets over in de brief gezet. Na die nieuwe brief kan er wat de PvdA betreft een Kamerdebat komen.

Motie

Met de bereidheid van zowel Verdonk als linkse partijen om verder te praten, is een dreiging van een acute politieke crisis vooralsnog verdwenen. De afgelopen dagen sloten de linkse partijen niet uit een motie van wantrouwen in te dienen tegen Verdonk als zij de Kamerwens niet zou uitvoeren.

Volgens ingewijden zou zo'n motie door andere bewindslieden ervaren kunnen worden als een motie van wantrouwen tegen het hele kabinet. Het schrijven van de brief leverde de meest betrokken ministers de afgelopen dagen de nodige hoofdbrekens op. Er was meerdere malen extra beraad noodzakelijk.

Tip de redactie