Hardere aanpak terrorisme

DEN HAAG - Justitie kan personen die van plan zijn een terroristische aanslag te plegen sneller vastzetten. Bijzondere opsporingsbevoegdheden zoals die nu bestaan bij zware en georganiseerde criminaliteit, kunnen ook tegen terrorisme worden ingezet. Dat kan ook sneller dan voorheen.

Dat regelt een nieuwe wet voor terrorismebestrijding waar de Eerste Kamer dinsdag mee instemde. Dit voorjaar ging de Tweede Kamer al akkoord. Doel is mogelijke terroristen zo snel mogelijk aan te pakken. De wet is een vervolg op een eerdere antiterreurwet, waarin de straf omhoog ging en samenspanning strafbaar werd.

Schuld

Voor het in bewaring nemen van mogelijke terroristen kan een redelijk vermoeden van schuld volstaan, tot nu toe waren daarvoor ernstige bezwaren vereist. Zo kan een aanslag in de kiem worden gesmoord en krijgt een officier van justitie meer tijd de verdenking te onderbouwen.

Bij de bijzondere opsporingsbevoegdheden gaat het om observatie, infiltratie, pseudokoop en het zetten van telefoontaps. De officier van justitie kan hiervoor al toestemming geven als er aanwijzingen zijn voor een strafbaar feit, een redelijk vermoeden is niet langer nodig. In zowel Tweede als Eerste Kamer was dit een punt dat veel vragen opriep.

Verbod

Een tweede wet waar de Eerste Kamer dinsdag mee akkoord ging betreft een verbod van organisaties die op terrorismelijsten staan van de Verenigde Naties of de Europese Unie. Dit betekent dat het strafbaar wordt de activiteiten van zo'n organisatie in Nederland voort te zetten.

Tip de redactie