WASHINGTON - De Amerikaanse regering heeft een lijst opgesteld van ruim twintig terroristen die de CIA mag doden als arrestatie niet lukt of het aantal burgerslachtoffers kan worden beperkt. Dat staat in de zondageditie van The New York Times. De Amerikaanse krant baseert zich op bronnen bij het leger en de inlichtingendienst.

Op de tot nu toe geheime lijst van de CIA staan namen van belangrijke terroristenleiders als Osama bin Laden en zijn plaatsvervanger Ayman al-Zawahiri. President Bush heeft de CIA schriftelijk gemachtigd die terroristen te achtervolgen en te doden zonder steeds opnieuw toestemming aan het Witte Huis te vragen als de dienst op het punt staat in actie te komen.

De speciale toestemming voor de CIA wil niet zeggen dat Bush het verbod op het doden namens de staat heeft opgeheven. In de presidentiële machtiging worden de terroristen op de lijst aangeduid als vijandelijke strijders, wat dodelijk geweld rechtvaardigt. Na de aanslagen van 11 september gaf Bush de CIA al een dergelijke machtiging om tijdens de oorlog in Afghanistan Bin Laden en andere leiders van al-Qaeda te vangen of te doden.

Met de nu bekend geworden 'dodenlijst' geeft Bush de geheime dienst de mogelijkheid zijn acties uit te breiden naar andere landen. Zo heeft de CIA in november een leider van al-Qaeda in Jemen gedood met behulp van een onbemand vliegtuig dat een raket afschoot op de auto waarin Qaed Salim Sinan al-Harethi, alias Abu Ali, reed. Ook hij zou op een lijst hebben gestaan van leiders van al-Qaeda die de CIA mocht doden.