HAARLEM - Het nieuwe gevangenisregime in Nederland is op minstens tien punten in strijd met de Europese regelgeving. Dat zei hoogleraar Gerard de Jonge, verbonden aan de Universiteit van Maastricht, woensdagavond op een symposium in Haarlem.

Vanaf november wordt in zes gevangenissen in Nederland proefgedraaid met het nieuwe regime, dat onderscheid maakt tussen verschillende groepen gedetineerden. "Volgens de Europese regels moeten alle gedetineerden een dagprogramma krijgen", aldus De Jonge, die gespecialiseerd is in de rechten van gevangenen.

"In het nieuwe regime worden arbeid en onderwijs weggepoetst voor gevangenen die nog in voorarrest zitten. Zo blijft een grote groep voornamelijk achter de deur zitten."

Vreemd

De hoogleraar vindt het vreemd dat voormalig Justitieminister Piet Hein Donner met de plannen voor het detentieregime is gekomen, terwijl die volgens hem niet kloppen met de Europese regels op dit gebied. "En die heeft de minister zelf mee helpen opstellen in Straatsburg." De Jonge meent dat het nieuwe regime niet meer is dan een verkapte bezuinigingsoperatie. Wat hij positief vindt aan de plannen is dat er meer oog is voor de nazorg van ex-gedetineerden.

Aleid Wolfsen, Tweede Kamerlid voor de PvdA, noemde de plannen 'nagenoeg onuitvoerbaar'. "De ideeën zijn goed, maar veel van de plannen zijn lastig of helemaal niet uitvoerbaar. Er wordt van uitgegaan dat gedetineerden goed opgeleide, intelligente mensen zijn, die hun eigen verantwoordelijk kunnen nemen. Dat is natuurlijk niet zo. Een grote groep bestaat uit verwarde mensen."

De nieuwe werkwijze moet gevangenen aanzetten tot goed gedrag. Dat gebeurt door een systeem van belonen en straffen.