DEN HAAG - Leraren zijn de komende jaren steeds minder hoog opgeleid. Dat komt omdat er meer personeel op mbo-niveau is aangetrokken, er meer onbevoegde leraren zijn en het aantal academici zal afnemen. Dat staat in Wie werken er in het onderwijs, een publicatie van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) die dinsdag is verschenen.

Ook het ministerie van Onderwijs onderkende vorige week dat er meer onbevoegde leraren voor de klas staan en dat er meer functies op een lager niveau zijn. Maar het minsterie stelde ook vast dat er geen uittocht is van academici uit het onderwijs, zoals vaak wordt beweerd. Tussen 2001 en 2005 nam het aantal doctorandussen dat in het voortgezet onderwijs voor de klas stond zelfs toe.

Academisch

Het SCP waarschuwt dat het academisch niveau van het lerarenkorps flink zal dalen. In het schooljaar 2003-2004 was van de docenten boven de 55 nog 42 procent academisch gevormd, maar bij jongere leraren neemt dit snel af: Onder de 35- tot 44-jarige leraren rondde nog maar ruim een derde een universitaire opleiding af. In de jongste leeftijdscategorie is dit nog maar een kwart.

Het SCP noemt dit een onthutsend beeld omdat hoogopgeleide oudere leraren de komende jaren massaal met pensioen gaan. Al sinds 1999 verdwijnen jaarlijks meer leraren met een academische titel dan erbij komen.

Voor het overige schetst de SCP-publicatie een vertrouwd beeld van een vergrijzende, links georiënteerde beroepsgroep waarin veel vrouwen werken en veel in deeltijd. De beloning van de leraar blijft achter en veel carrièreperspectieven heeft hij niet, zijn motivatie haalt hij vooral uit het vak zelf. Maar ontevredenheid met de inhoud van het werk is tegelijkertijd ook de belangrijkste reden het onderwijs vaarwel te zeggen. Tweede belangrijkste reden om te vertrekken is onvrede met het management.