AMSTERDAM - De havenautoriteiten in Amsterdam hadden geen bevoegdheid om het schip Probo Koala tegen te houden toen het vertrok richting Ivoorkust. Dat zei de Amsterdamse wethouder Marijke Vos (Milieu) woensdag voor Radio1.

Volgens Vos ging iedereen ervan uit dat in het schip scheepsafval werd vervoerd. Maar het bleek om chemisch afval te gaan. Het schip bracht de lading naar Ivoorkust waar een plaatselijk verwerkingsbedrijf het spul dumpte in en rond de economische hoofdstad Abidjan. Als gevolg van de storting kwamen zeven mensen om het leven.

Lading

De huurder van het schip en eigenaar van de lading, Trafigura Beheer, bood de lading deze zomer ter verwerking aan aan Amsterdam Port Services. Deze concludeerde dat een speciale bewerking nodig was die meer geld ging kosten. Trafigura Beheer besloot de lading daarop terug te nemen en elders te laten verwerken.

Omdat het volgens de informatie om scheepsafval ging, hadden de Amsterdamse havenautoriteiten geen bevoegdheid om het schip aan de ketting te leggen. Vos wil met staatssecretaris Pieter van Geel (VROM) overleggen of de bevoegdheden moeten worden uitgebreid.

Zij gelooft niet dat een ambtenaar van de Amsterdamse milieudienst een discutabele rol heeft gespeeld bij de affaire, zoals de Volkskrant woensdag heeft gemeld. "Ik kan me niet voorstellen dat het hoofd van de Milieudienst hier schuldig aan is. Ik heb daarover ook geen informatie van het Openbaar Ministerie", zei Vos.

Volgens de Volkskrant zou deze ambtenaar toestemming hebben gegeven het afvalwater dat al uit het schip was gehaald weer terug te pompen. Daardoor kon het schip vertrekken, terwijl er nog een strafrechtelijk onderzoek gaande was.