DEN HAAG - Diep geschokt was minister Piet Hein Donner (Justitie) door de "rampzalige brand" in het cellencomplex op Schiphol-Oost waardoor elf gedetineerden om het leven kwamen. Als bewindsman is hij verantwoordelijk voor het gebruik van het detentiecentrum en de organisatie eromheen.

"Mensen vastzetten impliceert verantwoordelijkheid nemen voor hun veiligheid", sprak Donner tijdens de herdenkingsplechtigheid van de brand in het bijzijn van nabestaanden van de slachtoffers. Daarom was het volgens hem meer dan ooit nodig om de oorzaak van de brand te achterhalen en - met het oog op de toekomst - te weten of die te voorkomen was geweest.

Nalatigheid

De Onderzoeksraad voor Veiligheid richt z'n pijlen daarbij ook op de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die onder Donner valt. De dienst wordt nalatigheid verweten. Zo hadden volgens het calamiteitenplan in de getroffen vleugel 's nachts twee bewakers moeten zitten, maar die waren er niet.

Donner is sinds de brand herhaaldelijk samen met zijn VVD-collega Rita Verdonk (Vreemdelingenzaken) ter verantwoording geroepen door de Tweede Kamer. Dat ging niet alleen over de nazorg aan overlevenden, maar ook over zijn keuze om via een koninklijk besluit te voorkomen dat de gemeente Haarlemmermeer het cellencomplex zou sluiten. Ook in een kort geding dat de gemeente later tegen de Staat had aangespannen, kwam Donner als sterkste uit de strijd.

Zwaar debat

De minister wacht nu een zwaar debat met de Tweede Kamer over de bevindingen van de onderzoeksraad, die volgens hem op bepaalde punten z'n boekje te buiten is gegaan door vermoedens van schuld te uiten. Maar ook die confrontatie zal Donner weer aangaan. Eerdere grote debatten, over bijvoorbeeld het tbs-beleid en de Schiedamse parkmoord, overleefde hij dankzij behoedzaam en vakkundig manoeuvreren.