LONDEN - De Britse oppositieleider David Cameron heeft maandag afstand genomen van het buitenlands beleid van de Amerikaanse president George Bush en zijn Britse bondgenoot, premier Tony Blair.

Cameron, die aan het hoofd staat van de Conservatieve Partij, bekritiseerde het Amerikaanse gevangenenkamp in Guantanamo Bay op Cuba en de "disproportionele" bombardementen van Libanon door Israël. De kritiek was des te opvallender vanwege de herdenking van de aanslagen van 11 september vijf jaar geleden.

Soundbites

De strijd tegen het terrorisme is volgens Cameron een belangrijke taak van hedendaagse regeringen, maar hun beleid is vaak gebaseerd op "onrealistische en simplistische" soundbites. Zelf is hij een liberale conservatief en geen neoconservatief, zei Cameron. Veel naaste medewerkers van Bush zijn aanhangers van het neoconservatisme.

Populariteit

Tot recentelijk is Groot-Brittannië nooit een onkritische bondgenoot van de Verenigde Staten geweest, beweerde Cameron, waarmee hij indirect kritiek uitoefende op Blair. De volgens velen onvoorwaardelijke steun van Blair voor de Amerikaanse invasie van Irak heeft hem onder de Britse bevolking veel populariteit gekost. Cameron pleitte voor een goede maar geen slaafse band met de VS.

Het is lastig voor de Conservatieven om zich te onderscheiden van de regerende Labourpartij ten aanzien van buitenlands beleid, omdat de partij de invallen in Afghanistan en in Irak steunde.