DEN HAAG - De verregaande conclusie van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie NIOD over onwil bij de legertop bij het volledig informeren van de minister van Defensie, betekent niet dat Van Kemenade in 1998 zijn werk niet goed heeft gedaan. Dat stelde voormalig minister van Defensie De Grave woensdag tegenover de parlementaire enquêtecommissie over Srebrenica.

Van Kemenade, destijds commissaris van de koningin in Noord-Holland, werd vlak na het aantreden van De Grave in augustus gevraagd onderzoek te doen naar de informatievoorziening binnen de krijgsmacht. De VVD-bewindsman was de voortdurende stroom van 'onthullingen' over de nasleep van de val van de moslim-enclave Srebrenica zat en wilde weten of hij de legertop nog kon vertrouwen.

Van Kemenade kwam tot de conclusie dat de informatievoorziening binnen de krijgsmacht organisatorisch niet deugde, maar hij had geen bewijzen gevonden voor een doofpot. Het NIOD kwam tot een veel hardere conclusie. In het rapport dat in april dit jaar verscheen, sprak het instituut van 'onwil', een in militaire kring zeer zware term.

Blom

NIOD-directeur Blom verweet Van Kemenade eerder op de dag dat de waarheidsvinding in zijn onderzoek van vier jaar geleden in het gedrang was gekomen door de snelheid waarmee hij te werk moest gaan. Van Kemenade op zijn beurt verweet Blom geen enkel bewijs te hebben aangedragen voor de stelling dat er sprake was van 'onwil'.

De Grave drukte zich voorzichtig uit met de opmerking dat in de rechtspraak rechters in eenzelfde zaak ook tot een verschillende beoordeling van de feiten kunnen komen. Een rechtbank kan iemand vrijspreken, die later in hoger beroep toch wordt veroordeeld.

Wat de voormalige bewindsman wel vreemd vond was dat Blom zijn beschuldiging voor de enquêtecommissie enigszins relativeerde. Onwil was niet meer dan een gebrek aan goede wil bij het nemen van intitiatief om de minister te informeren. Het woord was zeker niet gebruikt in strafrechtelijke of arbeidsrechtelijke zin, verklaarde Blom. "Dat had hij mij wel eerder mogen vertellen," zei De Grave.