DEN HAAG - De VN-missie van Dutchbat in 1994 en 1995 naar de moslimenclave Srebrenica was onuitvoerbaar. Toenmalig bevelhebber van de landmacht generaal Couzy vindt dat nog steeds, maar heeft zich toch bij de beslissing van zijn minister neergelegd. Het alternatief was ontslag nemen en dat wilde hij niet.

Dat vertelde de inmiddels gepensioneerde generaal donderdag aan de parlementaire enquêtecommissie over Srebrenica. Volgens Couzy was de opdracht die Dutchbat meekreeg militair gezien onuitvoerbaar. Het was onmogelijk om met zo weinig mensen en middelen de bevolking te beschermen en het was onmogelijk om de moslimstrijders binnen de enclave te ontwapenen. Dutchbat was niet meer dan een "fopspeen", stelde hij.

Daar kwam bij dat de opdracht de militairen van het kersverse luchtmobiele bataljon voor grote (gewetens)problemen zou zetten. Zij moesten mensen beschermen, maar moesten zich tegelijkertijd boven de strijdende partijen stellen. Als een moslimvrouw werd verkracht door een Bosnische Serviër, mocht een militair niets doen, dat zou betekenen dat hij partij koos.