DEN HAAG - Bij de helikoptercrash in Afghanistan vorige week zijn niet zestien, maar twaalf mensen om het leven gekomen. Dat is bij nader onderzoek gebleken, zo meldde het ministerie van Binnenlandse Zaken donderdag. Het Rampen Identificatie Team (RIT) van het Korps landelijke politiediensten heeft alle slachtoffers geïdentificeerd.

Het gaat behalve om de twee Nederlandse militairen om vier Afghanen, drie Amerikanen, twee Zuid-Afrikanen en een Turk. De civiele helikopter waarin ze zaten, stortte vorige week woensdag neer in de Afghaanse provincie Paktia. Dat gebeurde tijdens slecht weer in bergachtig gebied. Het ministerie van Defensie denkt dat er sprake is geweest van een ongeval, maar laat een kleine commissie nog onderzoek doen naar de precieze toedracht van de crash.

Negen medewerkers van het RIT waren op verzoek van Defensie naar Afghanistan gegaan om de slachtoffers te identificeren. De andere betrokken landen hadden het Nederlandse aanbod aanvaard om hun slachtoffers ook door het RIT te laten identificeren. Het Nederlandse team bestond uit een teamleider, technisch en tactisch rechercheurs, tandartsen en een fysisch antropoloog.

Nederlanders

Hoe het lagere aantal slachtoffers is te verklaren, kon een woordvoerder van het ministerie van Defensie niet zeggen. Het departement wist volgens hem zeker dat er twee Nederlanders in het verongelukte toestel zaten en ging verder uit van de in totaal zestien slachtoffers die de NAVO-vredesmacht ISAF had gemeld.

Ceremonie

De kisten met de lichamen van de twee Nederlandse slachtoffers kwamen woensdagavond aan op vliegbasis Eindhoven, waar ze na een korte en plechtige ceremonie werden overgedragen aan de nabestaanden. Beide militairen worden in besloten kring begraven.