DEN HAAG - De lichamen van de twee Nederlandse militairen die vorige week omkwamen door een helikoptercrash in Afghanistan, komen mogelijk woensdagavond aan op de vliegbasis in Eindhoven. Dat maakte het ministerie van Defensie dinsdag bekend.

De lichamen van de verongelukte sergeant van de Koninklijke Landmacht, Bart van Boxtel (29), en de luitenant-kolonel van de Koninklijke Luchtmacht, Jan van Twist (47), zijn geïdentificeerd door het Rampen Identificatie Team (RIT) in Kabul.

Commandant der strijdkrachten Dick Berlijn bracht eerder dinsdagmiddag een bezoek aan het RIT op de Amerikaanse militaire basis bij Kabul om de teamleden een hart onder de riem steken bij hun werk. Het RIT is daar bezig met de identificatie van de zestien doden als gevolg van het helikopterongeluk in de Afghaanse provincie Paktia.

In Kabul vindt voorafgaande aan de terugreis een afscheidsceremonie plaats. De lichamen worden vervolgens met een KDC-10 van de Koninklijke Luchtmacht overgebracht naar de vliegbasis in Eindhoven. Daar worden de lichamen na een korte ceremonie overgedragen aan de nabestaanden. De kisten, die zijn afgedekt met de Nederlandse vlag, worden gedragen door acht militairen van het betreffende krijgsmachtdeel.

Besloten kring

Beide militairen worden in besloten kring begraven. Wanneer dat gebeurt, wilde Defensie niet zeggen. De begrafenis van sergeant Bart van Boxtel gebeurt met (beperkte) militaire eer. De familie van luitenant-kolonel Jan van Twist heeft besloten daarvan af te zien.

De precieze toedracht van de helikoptercrash in bergachtig gebied is nog niet duidelijk. Een kleine commissie doet daarnaar in opdracht van de hoogste ambtenaar van het ministerie van Defensie onderzoek. Het departement gaat er tot dusver van uit dat de civiele helikopter tijdens slecht weer is neergestort. Een dag na de crash stelde het ministerie dat er geen aanwijzingen zijn dat vijandelijk vuur het toestel heeft getroffen.