JERUZALEM - Het Israëlische leger plaatst vraagtekens bij de omstandigheden van het bloedbad in het Zuid-Libanese Qana. Meer dan zestig mensen kwamen hierbij om. Het leger zegt dat het gebouw zeven uur voor de dodelijke explosie werd aangevallen. Israël maakte zondagavond bekend dat het komende week een 'veiligheidszone' in Libanon in wil gaan stellen.

"Zover wij het begrijpen, is dit gebouw aangevallen (door een Israëlisch gevechtsvliegtuig) tussen middernacht en 01:00 uur, ongeveer zeven uur voor de zware treffer" waarbij de doden vielen, zei Amir Eshel van de Israëlische luchtmacht tijdens een persconferentie.

"De eerste berichten (van slachtoffers) kwamen tussen 08:00 en 08:30 uur binnen", zei Eshel. Een uur eerder had het leger verscheidene plaatsen op 500 meter afstand van het gebouw aangevallen, maar bij die aanvallen werden volgens hem alle vooraf gekozen doelwitten getroffen.

Overlevenden in Qana zeggen dat het fatale bombardement zondag rond 01:00 uur begon met een stortvloed van raketten, bommen en artilleriegranaten. Deze beschieting duurde volgens de ooggetuigen door tot het ochtendgloren waardoor de reddingswerkzaamheden ernstig werden belemmerd.

VN-gebouw

Gewapende Palestijnen zijn zondag het terrein van het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in Gaza-Stad binnengedrongen. Dat hebben ooggetuigen gezegd.

De bestorming zou een reactie zijn op de Israëlische beschieting van de Libanese stad Qana, waardoor meer dan zestig mensen omkwamen.

Volgens de ooggetuigen werd er wel schade aangericht, maar vielen er geen gewonden. Een woordvoerder van de VN bevestigde dat boze Palestijnen het terrein rond het gebouw waren binnengedrongen.