WASHINGTON - De voormalig CIA-agente Valerie Plame heeft de Amerikaanse vicepresident Dick Cheney en de presidentiële topadviseur Karl Rove voor de rechter gedaagd. Dat berichtten Amerikaanse media donderdagavond. Zij en haar man, ex-ambassadeur Joseph Wilson, beschuldigen deze politieke topfiguren en aantal andere functionarissen van samenzwering om de loopbaan van Plame te verwoesten.

De affaire-Plame achtervolgt de regering-Bush al geruime tijd. De zaak draait in eerste aanleg om Wilson. De CIA stuurde hem in 2002 naar het Afrikaanse Niger om uit te zoeken of Irak daar had gepoogd uranium te kopen ten behoeve van het Iraakse wapenprogramma.

Troonrede

Wilson kon geen enkel bewijs vinden, maar de beschuldiging aan het adres van Irak keerde vervolgens terug in de State of the Union, de Amerikaanse troonrede, die Bush begin 2003 uitsprak. De vermeende Iraakse zoektocht naar de potentiële brandstof voor kernwapens werd als argument aangevoerd om Irak te kunnen binnenvallen in maart 2003.

Nadat een boze Wilson zijn werkelijke bevindingen uiteen had gezet in een ingezonden artikel in The New York Times, werd zijn echtgenote Valerie Plame in een column ontmaskerd als CIA-agente. Beiden beschuldigden direct het Witte Huis van een moedwillige wraakactie.

Gelekt

President Bush erkende later dat de naam van Plame opzettelijk was gelekt. De voormalige stafchef van vicepresident Dick Cheney, Lewis 'Scooter' Libby, werd vervolgens in de Plame-zaak aangeklaagd. Ook Plame en Wilson hebben nu een aanklacht tegen hem ingediend.

Libby moet wegens de eerste aanklacht in januari terechtstaan voor meineed en belemmering van de rechtsgang. Hij zou hebben gelogen tegen een onderzoeksjury die de zaak-Plame in behandeling had. Voor het lekken zelf, ook een strafbaar feit, is hij evenwel niet aangeklaagd.

Tegen Rove liep ook een onderzoek, maar kortgeleden werd bekend dat hij niet wordt vervolgd. Rove behoort tot de belangrijkste strategen in het Witte Huis en hij is een zeer goede vriend van Bush.

Kwaadwillend gedrag

Plame en Wilson pogen nu alsnog de in hun ogen schuldige functionarissen veroordeeld te krijgen. Zij reppen van kwaadwillend gedrag van het Witte Huis, waarmee Plame als CIA-agente het werk onmogelijk werd gemaakt. Ze nemen het de bestuurlijke top van de VS vooral kwalijk dat uitgerekend de identiteit van iemand die werkte voor de bescherming van de burgers op straat kwam te liggen. Daarmee werd het leven van Plame en dat van haar familie op het spel gezet, vinden ze.