RIJSWIJK - Oud-minister Heinsbroek (Economische Zaken) heeft, nadat hij kogelbrieven had gekregen, naar eigen zeggen veel moeite gehad om zich door het ministerie van Binnenlandse Zaken te laten beveiligen. Dit zegt hij zaterdag in een gesprek met de Volkskrant.

'Het werkt gewoon niet'

Volgens de oud-minister (LPF) 'werkt het gewoon niet bij Binnenlandse Zaken en Justitie'. Heinsbroek vertelt hoe hij eind augustus meerdere kogelbrieven ontving, er "vage figuren" om zijn huis liepen en iemand probeerde binnen te dringen. "Mijn plaatsvervangend secretaris-generaal schrok enorm van de brieven, meer dan ik. Hij vond de toon zeer heftig en wilde mij meteen laten beveiligen. Binnenlandse Zaken wilde dat niet, we moesten hemel en aarde bewegen."

Overheid is een 'trage machine'

Volgens Heinsbroek regelde het ministerie van Economische Zaken beveiliging voor hem, maar vonden de ministers Donner (Justitie) en Remkes (Binnenlandse Zaken) dat de maatregelen teruggedraaid moesten worden. Heinsbroek zou daarop hebben gedreigd hiermee de publiciteit te zoeken. Volgens de ex-minister kreeg hij daarna meteen beveiliging van Binnenlandse Zaken. "Ik snapte direct waarom Fortuyn geen beveiliging kreeg. Wat een trage machine is de overheid."

Heinsbroek zegt nu zijn eigen beveiliging te betalen. "Ik ben nog geen dag minister af en de beveiliging stopt! De staat beschouwt je als persona non grata en trekt meteen de handen van je af."

Volgens een woordvoerder van Binnenlandse Zaken was de veiligheid van Heinsbroek niet in het geding. "Heinsbroek liet weten dat hij zich niet veilig voelde, maar ons is niets bekend over kogelbrieven. Het is in ieder geval niet gemeld. We hebben de veiligheidssituatie van Heinsbroek meerdere keren besproken met het ministerie van Justitie. Na analyse van alle feiten vonden we geen aanwijzingen voor serieuze bedreigingen. Om het veiligheidsgevoel van meneer Heinsbroek te vergroten hebben we desondanks een 24-uurs observatiepost voor zijn huis neergezet."

Het ministerie van Economische Zaken wilde niet reageren op de uitspraken van Heinsbroek en het ministerie van Binnenlandse Zaken.