DEN HAAG - De rechtbank in Den Haag heeft de Nederlandse zakenman Guus Kouwenhoven woensdag veroordeeld tot acht jaar cel voor illegale wapeninvoer in Liberia. Hij was daarbij betrokken in de periode 2000-2003 tijdens de bloedige burgeroorlog die er toen woedde.

De rechters spraken Kouwenhoven vrij van oorlogsmisdaden in die drie jaren. Ze vinden die beschuldiging onvoldoende bewezen, met name wegens de vele uiteenlopende en soms tegenstrijdige getuigenverklaringen. Het onomstotelijk bewijs ontbreekt daarom, zo gaf president Roel van Rossum van de rechtbank woensdag aan.

Slachtingen

Maar dat oordeel leidt er niet toe dat Kouwenhoven zijn handen in onschuld kan wassen wat betreft de bloedige slachtingen die tijdens de oorlog in het West-Afrikaanse land werden aangericht. De wapeninvoer waarin Kouwenhoven volgens de rechtbank een "cruciale rol" speelde, heeft bijgedragen aan de inbreuken op de vrede en de onveiligheid in de regio. "Met talloze slachtoffers tot gevolg", stelde Van Rossum vast.

Kouwenhoven kreeg daarom ook de maximale celstraf die op wapenhandel staat. Volgens de rechtbank was de zakenman bekend met onder meer de wapenembargo's van de Verenigde Naties en heeft hij die uit eigen financieel belang bewust geschonden.

Houtkapbedrijven

Hij deed dat onder de vlag van zijn houtkapbedrijven die hij in de West-Afrikaanse staat had. De wapens waren bestemd voor de toenmalige Liberiaanse president Charles Taylor, die zijn mensen in een bloedige burgeroorlog veel wreedheden liet begaan.

De rechtbank heeft vastgesteld dat het schip de Antarctic Mariner van Kouwenhovens houtbedrijf OTC al in 2000 twee keer de haven van Buchanan in Liberia aandeed. OTC voerde toen al het beheer over de haven.

Verband

"Uit diverse verklaringen van getuigen komt naar voren dat de Antarctic Mariner ook in dat jaar wapens heeft ingevoerd voor Charles Taylor en zijn regime", schrijven de rechters in hun vonnis. "De rechtbank leidt hieruit af dat in 2000 een direct verband heeft bestaan tussen OTC en de invoer van wapens voor Charles Taylor via de haven van Buchanan. Aangezien de verdachte zeker de eerste anderhalf jaar na de oprichting van OTC - dus tot ongeveer eind 2000 - de enige schakel tussen OTC en Charles Taylor is geweest, kan het niet anders dan dat verdachte een voorname rol heeft gespeeld in deze structurele wapeninvoer."

Kouwenhoven heeft zelf altijd ontkend dat hij tijdens zijn verblijf in Liberia bij wapenhandel en oorlogsmisdaden betrokken is geweest. Hij gaat dan ook zo goed als zeker in hoger beroep tegen de uitspraak. Ook het Openbaar Ministerie (OM), dat twintig jaar gevangenisstraf tegen hem had geëist, overweegt de zaak nu aan het gerechtshof in Den Haag voor te leggen.

Leemte

De advocaat van Kouwenhoven, Inez Weski, vindt dat er een "grote leemte" zit in de bewijsconstructie van de rechtbank. Uit het feit dat de zakenman de haven van Buchanan beheerde en zakelijke banden had met Taylor, mag volgens Weski niet worden afgeleid dat Kouwenhoven dus ook betrokken is geweest bij de invoer van wapens. De raadsvrouw blijft erbij dat Kouwenhoven nooit bij de vermeende wapenleveranties aanwezig is geweest, omdat hij toen aantoonbaar in het buitenland of elders in het land was.

Het is volgens Weski geen verrassing dat haar cliënt is vrijgesproken van betrokkenheid bij oorlogsmisdaden in Liberia. "Getuigen hadden daarover valse en tegenstrijdige verklaringen afgelegd. Daarvan is niets overgebleven."

Hoger beroep

Het OM is teleurgesteld dat Kouwenhoven niet is veroordeeld voor betrokkenheid bij oorlogsmisdaden. Gezien de ernst van de zaak zal justitie zeker overwegen in hoger beroep te gaan, zei persofficier van justitie D. van Boetzelaer.

Volgens haar is de kern van de zaak overeind gebleven: de wapenleveranties door Kouwenhoven zijn van invloed geweest op de internationale wereldvrede en de burgeroorlog in Liberia. Van Boetzelaer: "De rechtbank heeft de volgende stap, naar oorlogsmisdrijven, echter niet gezet."