AMSTERDAM - De vertrouwelijke informatie van de Amsterdamse politie die door een fout van de dienst Centrale Recherche uiteindelijk bij De Telegraaf terecht is gekomen, bevat onder meer een lijst van getuigen in een afpersingsonderzoek. Het uitlekken van hun identiteit ligt zeer gevoelig, vanwege hun veiligheid.

Vrijdag bevestigde de politie dat er vertrouwelijke informatie op straat was gekomen. Om welke informatie het ging, wilde de politie niet zeggen. Wel werd gemeld dat het om een rechtshulpverzoek ging.

Afpersing

De ochtendkrant schrijft zaterdag dat de informatie uit een internationaal rechtshulpverzoek aan Spanje komt. Daarin vraagt Nederland om assistentie bij het onderzoek naar banden tussen de Israëlische beveiliger Itzhak M., vastgoedhandelaar Erik de Vlieger en de van afpersing verdachte Willem Holleeder. Justitie gaat volgens De Telegraaf in dit rechtshulpverzoek uitgebreid in op de rol van de Israëliër, die De Vlieger zou hebben afgeperst.

De politie vermoedt dat een rechercheur van de dienst Centrale Recherche het rechtshulpverzoek naar een verkeerd vertaalbureau stuurde, waarna het bij De Telegraaf is beland. De rechercheur wilde het document per e-mail aan een vertaalbureau sturen, met het verzoek het in het Spaans te vertalen. De betreffende agent heeft daarbij per ongeluk een verkeerde domeinnaam in het e-mailadres gebruikt. E-mail

Volgens de politie is informatie uit die e-mail door het bureau aan een journalist doorgespeeld. De politie trok die conclusie toen een verslaggever een agent vragen stelde waaruit bleek dat hij over de informatie beschikte.