BAGDAD - Het Iraakse parlement heeft zaterdag zijn goedkeuring gegeven aan een nieuw kabinet. De hoop is dat de regering van nationale eenheid onder leiding van premier Nuri Al Maliki een eind kan maken aan het voortdurende bloedvergieten. Maar op deze "historische dag" dag vielen bij aanslagen meer dan twintig doden.

Ruim vijf maanden na de parlementsverkiezingen zijn nog niet alle posten ingevuld. Sjiieten, Koerden en soennieten kunnen het maar niet eens worden over wie de departementen van Binnenlandse Zaken, Defensie en Nationale Veiligheid moeten gaan leiden. Deze ministeries spelen een centrale rol in het beëindigen van de bloedige geweldsgolf.

Maliki maakte in zijn rede duidelijk dat hij zich richt op het herstel van de veiligheid en de economie. Hij riep het volk op "terrorisme af te zweren" en beloofde "een objectief tijdschema om alle veiligheidsmissies over te dragen aan de Iraakse veiligheidstroepen, waarmee een eind komt aan de missie van de multinationale troepenmacht".

Veiligheid

De premier presenteerde een 34-puntenplan. Naast het stoppen van het geweld en het herstellen van de stabiliteit, wil hij de partijmilities integreren in nationale veiligheidsinstellingen. Ook wil hij ervoor zorgen dat de water- en elektriciteitsleidingen hersteld worden. Irakezen zitten dagelijks uren zonder deze basisvoorzieningen.

De sessie in het parlement, of de Raad van Afgevaardigden zoals het officieel heet, werd rechtstreeks op televisie uitgezonden. De zitting begon 2,5 uur later dan gepland omdat premier Maliki tot het laatste moment probeerde tot een akkoord te komen over de invulling van de ministersposten. De zitting kende een turbulente aanvang.

Bush

De Amerikaanse president George W. Bush heeft zaterdag verklaard dat hij de nieuwe Iraakse regering zal steunen. Volgens een schriftelijke verklaring van Bush markeert de komst van de nieuwe regering "het einde van een democratisch overgangsproces in Irak dat zowel moeilijk als inspirerend was". Hij laat verder weten dat "de Verenigde Staten en andere vrijheidslievende landen Irak zullen bijstaan".

De Britse premier Tony Blair omschreef de komst van het nieuwe kabinet als "een enorme stap voorwaarts". Het regeringsprogramma van Maliki kan in potentie een "ander Irak" creëren, zei hij. De regering van nationale eenheid geniet de steun van miljoenen Irakezen en dat is volgens hem "een cruciale verandering in Irak".

Motie

Een deel van de soennitische afgevaardigden toonde zich ontevreden omdat nog niet alle ministers zijn benoemd. Onder leiding van Saleh Al Mutlak dienden zij een motie in om de zitting uit te stellen. Toen zij niet hun zin kregen, verliet een tiental van de circa vijftig soennitische parlementariërs het gebouw. Soennieten vormen de ruggengraat van de opstand.

Maliki leidt voorlopig Binnenlandse Zaken. Soennieten zeggen dat dit ministerie - tot nu toe geleid door sjiiet Bayan Jabor - doodseskaders heeft die hun geloofsgenoten vermoorden. Jabor wordt minister van Financiën. Defensie valt onder de soennitische vicepremier Salam Al Zobaie, terwijl de Koerdische vicepremier Barham Salih Nationale Veiligheid op zich neemt.

Het kabinet inclusief de premier telt veertig leden onder wie twee vrouwen. De kernfysicus Hussein Al Shahristani wordt minister van Oliezaken. Deze sector is door oorlog, sancties en sabotage door rebellen verlamd. Bovendien verdwijnt voor miljoenen dollars olie door smokkel. De nieuwe minister moet verder de corruptie in dit cruciale ministerie aanpakken.

Historisch

Vicevoorzitter Khalid Al Attiya van het parlement omschreef het als "een historische dag". President Jalal Talabani noemde de regering "een gunstig voorteken". Hij waarschuwde rebellen en criminelen dat "de hand van justitie hen uiteindelijk zal pakken". Het kabinet is de eerste sinds de invasie in 2003 dat een volledige termijn van vier jaar mag uitdienen.

Ondanks alle positieve woorden gaat het bloedvergieten gewoon door. Slechts enkele uren voor de bijeenkomst van het parlement ontplofte een bom in de sjiitische sloppenwijk Sadr-stad in Bagdad.

Daarbij kwamen negentien mensen om en vielen 58 gewonden. En in Qaim, aan de grens met Syrië, blies een man zich op in een politiebureau en doodde vijf agenten.

Het geweld is sinds een aanslag in februari op een sjiitische moskee in Samarra enorm toegenomen. Vaak is niet meer duidelijk of soennitische opstandelingen, sjiitische milities of gewone criminelen verantwoordelijk zijn.

Washington hoopt dat Maliki het geweld kan terugdringen, waarna kan worden begonnen met de terugtrekking van Amerikaanse militairen.