MASHAD/TEHERAN - Iran heeft op beperkte schaal maar met succes verrijkt uranium geproduceerd. De Iraanse president Ahmadinejad zei dit in een rede waarin hij met voldoening concludeerde dat Iran, dankzij de geest van verzet, tot de club van naties met nucleaire technologie is toegetreden. Hij zei dat zijn land met het nucleaire onderzoek doorgaat en ook op industriële schaal uranium gaat verrijken.

De voormalige Iraanse president Rafsanjani liet dit eerder op de dag al weten in een vraaggesprek met een persbureau uit Koeweit. Hij vertelde dat "we een eerste eenheid van 164 centrifuges in werking hebben gesteld, het gas geïnjecteerd en het industriële eindproduct verkregen". Het hoofd van de Iraanse Atoomenergie Organisatie, Gholamreza Aghazadeh, bevestigde later dat het verrijkte uranium van een niveau is dat in kerncentrales wordt gebruikt.

Iran heeft eerder dit jaar al laten doorschemeren op beperkte schaal uranium te hebben verrijkt. De Verenigde Naties hebben het land eind maart opgeroepen om het procedé te staken.

Kernenergie

Verrijkt uranium kan gebruikt worden als brandstof voor kerncentrales, maar ook voor de productie van kernwapens. Iran heeft tot nu toe gezegd alleen uit te zijn op vreedzaam gebruik van kernenergie, maar westerse mogendheden zijn bang dat het land er uiteindelijk op uit is een kernwapen te maken.

Het vooralsnog beperkte proces van verrijking is hervat in Natanz. Daar is volgens Rafsanjani nog onvoldoende capaciteit voor de verrijking die normaal voor kernenergie geschiedt. Maar Iran voelt zich zo eindelijk tot de geprivilegieerde club landen behoren die brandstof voor kerncentrales hebben en derhalve binnenkort kerncentrales kunnen laten draaien.

Ahmadinejad had reeds aangekondigd dat er "goed nieuws" aan zat te komen voor de Iraniërs ten aanzien van hun nucleaire ambities.

Non-proliferatieverdrag

Het land begon aangemoedigd door de Amerikanen in de jaren zestig aan nucleair onderzoek en was in 1968 een van de eerste die het non-proliferatieverdrag, het verdrag tegen de verspreiding van kernwapens, tekende. Dat bepaalt onder meer dat aangesloten landen "het onvervreemdbare recht hebben nucleaire energie te onderzoeken, te produceren en te gebruiken".

Iran zou nu van de westerse mogendheden van dit recht moeten afzien omdat het wellicht kernwapens zou willen maken. Teheran bestrijdt dat fel en houdt vast aan het recht op eigen nucleair onderzoek.

Kerncentrale

Iran begon in 1974 aan de bouw van een kerncentrale maar tot dusverre is er geen enkele in gebruik genomen. De islamitische revolutie van 1979 en de oorlog met Irak (1980-1988) gooiden roet in het eten. De Iraanse geestelijke die het land tien jaar domineerde, ayatollah Khomeiny, zag niks in kernenergie. Na het overlijden van Khomeiny in 1989 was het Rafsanjani die het nucleaire project weer nieuw leven inblies. Onderdelen van het hervatte Iraanse onderzoek werden geheim gehouden.

Begin jaren negentig begon Iran met Rusland over de bouw van een kerncentrale te praten. Washington eiste dat Moskou daarmee ophield. Toen Moskou en Teheran in 1995 in beginsel tot een overeenkomst kwamen, startten de VS een propagandacampagne die heeft gesteld dat Iran enkel uit is op kernwapens.