WASHINGTON - Het laten afluisteren van Amerikaanse burgers die worden verdacht van terrorisme is tegen de wet. Dat is de conclusie van het onderzoeksbureau CRS van het Amerikaanse Congres, aldus The Washington Post zaterdag.

Sinds de aanslagen van 11 september 2001 heeft de Amerikaanse president Bush in het geheim de Nationale Veiligheidsdienst NSA toestemming gegeven telefoongesprekken van burgers af te luisteren. Bush en minister Gonzales van Justitie hadden eerder gezegd dat de president zonder toestemming van de rechter mensen mocht bespioneren.

Het rapport, het eerste onpartijdige onderzoek, verwerpt de opvatting van Bush dat hij hiertoe gerechtigd was op basis van speciale bevoegdheden die hij heeft als president. Het CRS verwijst naar een wet uit 1978 die het de overheid verbiedt in eigen land luistervinkje te spelen zonder de goedkeuring van de rechter.

Het rapport is voor Democraten aanleiding opnieuw aan te dringen op een hoorzitting over de kwestie. De Republikeinen hebben ook al laten weten voor een dergelijke hoorzitting te zijn. Volgens mensenrechtenorganisaties worden de burgerrechten geschonden door Bush' afluisterpraktijken.