AMSTERDAM - De voormalige Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Colin Powell heeft zondag bedekte kritiek geuit op het afluisteren van mogelijke terreurverdachten in opdracht van president George Bush. Volgens Powell is het afluisteren gerechtvaardigd, maar had de rechter daarbij waarschijnlijk niet omzeild moeten worden.

Powell zei verder in een interview op de Amerikaanse televisiezender ABC dat hij zelf als lid van Bush' regering niet op de hoogte was van de afluisterpraktijken.

Privacy

Bush heeft vorige week in een brief aan het Congres het in het geheim afluisteren van mogelijke terreurverdachten verdedigd met een beroep op de nationale veiligheid. Volgens Bush is de veiligheid van de VS belangrijker dan de mogelijke illegale schendingen van de privacy van verdachten.

De krant The New York Times meldde tien dagen geleden dat Bush sinds de aanslagen van 11 september 2001 mensen heeft laten afluisteren zonder gerechtelijke toestemming. Daarmee omzeilde de president onder meer een justitiële toetsingscommissie die eind jaren '70 werd opgericht na de Watergate-affaire.

Schandelijk

Bush stelt dat hij als president en opperbevelhebber "de constitutionele verantwoordelijkheid en het constitutionele gezag" heeft het land te beschermen. Hij noemde het "schandelijk" dat het bestaan van het geheime afluisterprogramma "in oorlogstijd" was gelekt.

Minister van justitie Alberto Gonzales betoogt dat het Congres Bush na 11/09 in wezen brede bevoegdheden heeft verleend, waaronder impliciet het afluisteren van verdachten. "Ons standpunt is dat de machtiging tot het gebruik van militair geweld, die kort na 11/09 door het Congres werd verleend, dat gezag impliceert", zei Gonzales.