HONGKONG - De handelsconferentie in Hongkong is zondag op de valreep geslaagd. De 150 lidstaten van de wereldhandelsorganisatie WTO slaagden er in nieuwe afspraken te maken over verdere liberalisering van de wereldhandel.

Bekijk video: Modem/ Breedband

Afgesproken is onder meer dat de Europese exportsubdies eind 2013 zijn afgeschaft. Daarnaast voorziet de overeenkomst in opening van de markten voor industriegoederen en liberalisering van diensten.

Verdere vrijmaking van de wereldhandel betekent dat er miljarden extra in de economie kunnen worden gepompt. De handelsbesprekingen moeten daarnaast zorgen dat de positie van ontwikkelingslanden verbetert.

De overeenkomst van Hongkong is een nieuwe stap in de zogeheten Doha-ronde, een reeks handelsbesprekingen die eind 2001 begon. Deze ronde moet volgend jaar uitmonden in een definitieve handelsovereenkomst. Hongkong is dan ook geen eindstation, maar wel een belangrijke stap vooruit voor wat betreft de nieuwe handelsregels.

EU

De EU stond onder druk om vanaf 2010 een einde te maken aan exportsubsidies in de landbouw, maar weigerde dat. De unie vond hierin vooral Brazilië tegenover zich, maar hield vast aan een later tijdstip en kreeg uiteindelijk haar zin. De EU stelde aan het afbouwen van exportsubsidies ook voorwaarden. Andere landen die ook vormen van exportsteun hebben, zullen die ook moeten aanpakken. Het ging daarbij vooral om de Verenigde Staten, die graanoverschotten dumpen op de wereldmarkt als voedselhulp.

Wat de diensten betreft slaagde de EU er wel in een tekst overeind te houden waarover vorig jaar al overeenstemming bestond. De discussie spitste zich toe op de manier waarop landen hun dienstensector openstellen. Ze kunnen dat niet zomaar afwijzen. Wel bestaat in beginsel overeenstemming over de manier waarop marktopening voor industrieproducten gestalte moet krijgen.

Protesten

Het handelsoverleg in Hongkong ging de hele week gepaard met protesten. In de stad waren onder meer Zuid-Koreaanse boeren op de been, die vrezen voor opening van hun rijstmarkt. Ook antiglobalisten die vinden dat de liberalisering van de wereldhandel teleurstellend heeft uitgepakt, deden van zich spreken.

Verklaring

De belangrijkste punten uit de verklaring op een rij:

Exportsubsidies: moeten eind 2013 zijn afgebouwd. Zodra het nieuwe handelsakkoord in werking treedt, moet er een begin mee worden gemaakt. Regels komen er over praktijken die anders heten, maar de markt eveneens verstoren. Vooral de Amerikaanse voedselhulp waarbij op de buitenlandse markt wordt gedumpt, is omstreden. Duidelijk moet bijvoorbeeld zijn wanneer sprake is van hulp en wanneer niet.

Katoen: exportsubsidies moeten verdwijnen, over de omstreden handelsverstorende binnenlandse subsidies zal nog worden gepraat. Juist deze steun is funest voor Afrikaanse boeren, die in Hongkong andermaal de noodklok luidden.

Markttoegang: minst ontwikkelde landen krijgen meer toegang tot de markten van rijke landen, maar geen onbeperkte. 3 Procent van de producten kan nog steeds in aanmerking komen voor invoertarieven. De EU wilde helemaal geen uitzonderingen, maar heeft op dit punt niet haar zin gekregen. Bovendien houdt de verklaring rekening met andere ontwikkelingslanden die nu een handelsvoordeel hebben.

Industrieproducten: Er komt een formule waarbij de hoogste invoertarieven meer worden afgebouwd dan de lage. Overeenstemming bestaat over een formule die bij het afbouwen van de tarieven zal worden gehanteerd. De hoogste tarieven zullen meer worden afgebouwd dan de lage, maar hoe dit precies gestalte krijgt moet nog nader worden uitgewerkt.

Diensten: Groepen landen krijgen de mogelijkheid om met een land om de tafel te gaan voor onderhandelingen over opening van de dienstensector. Een land dat wordt 'úitgenodigd' voor een gesprek over liberalisering wordt geacht daaraan mee te doen. Van een harde verplichting is geen sprake, maar geheel vrijblijvend is de uitnodiging evenmin.

Hulp bij handel: Rijke landen willen in het kader van een pakket hulpmaatregelen geld uittrekken voor ontwikkelingslanden voor hulp bij handel. Het geld is bedoeld voor zaken als wegenaanleg en marketing en moet deelname aan het handelsverkeer beter mogelijk maken. Het zogeheten aid-for-trade werd eerder dit jaar door de Wereldbank gelanceerd. Hoe het concreet gestalte gaat krijgen, moet echter nog worden vormgegeven.