DEN HAAG - Nederland is redelijk goed voorbereid op een ernstig kernongeval. Het systeem om kernongevallen te bestrijden, werkt. Wel zijn er nog enkele punten die beter kunnen. Dat bleek vrijdag uit een evaluatie van een landelijke oefening eind mei van een ongeval in de kerncentrale in Borssele.

Ruim 1100 bestuurders, ambtenaren en hulpverleners van gemeenten, provincies, ministeries en hulpdiensten deden aan de oefening mee. Zowel in de provincie Zeeland als op de ministeries van Binnenlandse Zaken (BZK) en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) werden toen crisisteams samengesteld.

Adviezen

Uit de evaluatie, die naar de Tweede Kamer is gestuurd, blijkt onder meer dat lokale autoriteiten en ministeries uiteenlopende adviezen van deskundigen ontvingen. Voor veel bestuurders was die informatie bovendien te technisch om de precieze gevolgen te overzien. Ook moet duidelijker zijn wie voor iets verantwoordelijk is op basis van de Kernenergiewet.

Het ministerie van VROM is verantwoordelijk voor de bestrijding van nucleaire incidenten. BZK coördineert de landelijke rampenbestrijding. Minister Remkes kondigde eerder dit jaar al aan dat hij een keer in de twee jaar een grootschalige rampenoefening wil houden. Daarnaast moeten bestuurders en hulpdiensten regelmatig kleinere oefeningen houden.