Arno Kamminga heeft maandag zilver veroverd op de 100 meter schoolslag bij de Olympische Spelen. Daarmee is hij de eerste Nederlandse man in zeventien jaar met een medaille in het langebaanzwemmen.

De 25-jarige Kamminga is de opvolger van Pieter van den Hoogenband, die in 2004 de laatste Nederlandse man was met een olympische plak bij het langebaanzwemmen. Wieger Mensonides is de enige andere Nederlandse man met een olympische zwemmedaille in het bad (brons op de schoolslag in 1960).

Vijf jaar geleden in Rio de Janeiro was er bij zowel de mannen als de vrouwen geen Nederlandse medaille in het zwembad.

Het goud op de 100 meter schoolslag was maandag in het Tokyo Aquatics Centre voor de Brit Adam Peaty, die zijn favorietenstatus waarmaakte. De regerend wereldkampioen klokte 57,37. Kamminga kwam met 58,00 niet in de buurt.

Maandag in de halve finales noteerde Kamminga ook al de tweede tijd achter Peaty. De Italiaan Nicolò Martinenghi pakte brons in 58,28.

Kamminga zwemt naar historische zilveren medaille op de schoolslag
25
Kamminga zwemt naar historische zilveren medaille op de schoolslag

Nederland pakte louter zilver

De tweede plaats van Kamminga is de derde Nederlandse zilveren medaille in Tokio. Goud en brons ontbreken nog.

De andere twee zilveren medailles voor Nederland in Tokio tot dusver waren voor de handboogschutters Gabriela Schloesser en Steve Wijler (gemengde landenwedstrijd) en wielrenster Annemiek van Vleuten (wegwedstrijd).

Kamminga komt op de Spelen ook nog in actie op de 200 meter schoolslag, al heeft hij daar minder kans op een medaille. Hij zwemt dinsdag in de series.