Het gebruik van een zwarte lijst door de Belastingdienst had geen wettelijke basis en was daardoor onrechtmatig. Dat concludeert advocaat-generaal van de Hoge Raad René Niessen. Daardoor moeten de honderdduizenden mensen die op deze lijst stonden, hun belastingaanslagen van de afgelopen jaren alsnog kunnen aanvechten. En als de fiscus naheffingen heeft opgelegd vanwege de zwarte lijst, moeten die vervallen.

Als de fiscus vermoedde dat iemand fraudeerde, dan werd diegene op deze lijst gezet. Zo kon de Belastingdienst hun aangiften extra controleren.

Maar het bestaan van de zwarte lijst werd geheimgehouden. Sommige mensen wisten niet dat de Belastingdienst ze als mogelijke fraudeur had aangemerkt, terwijl ze wel het risico liepen op problemen bij bijvoorbeeld het aanvragen van een uitkering, toeslag of huurwoning.

Volgens Niessen kan de opgelegde aanslag alleen in stand blijven als er sprake is van "zeer ernstige belastingfraude". De adviezen van de advocaat-generaal van de Hoge Raad worden doorgaans overgenomen.

Belastingdienst beloofde na onthullingen lijst te schrappen

Na onthullingen door Trouw en RTL Nieuws besloot de Belastingdienst in februari 2020 de lijst niet meer te gebruiken. Dat deed de fiscus niet alleen omdat die in strijd was met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), maar ook omdat veel mensen onterecht op de lijst terechtgekomen waren. Begin februari 2021 toonde de Tweede Kamer zich geïrriteerd over de trage manier waarop de Belastingdienst handelt in deze zaak.

Van zo'n 270.000 mensen die op de illegale zwarte lijst zijn geplaatst, hebben ruim 200.000 hierover een brief gekregen. Niet iedereen wordt geïnformeerd, omdat er mogelijk sprake zou zijn van een 'zwaarwegend opsporingsbelang' of mogelijk herleidbare tips. Dat betekent dat degene die op de lijst is komen te staan zou kunnen weten wie hem of haar bij de Belastingdienst heeft getipt heeft als mogelijke fraudeur.