Er zit nog weinig schot in de aanleg van een extra medicijnvoorraad die het ministerie vorig jaar beloofde, concludeert NRC zondag op basis van gesprekken met betrokkenen. De uitbreiding van de medicijnvoorraad, die de tekorten grotendeels zou moeten oplossen, loopt vertraging omdat het volgens de krant nog onduidelijk is wie de voorraad moet betalen. Daarnaast is er door de coronacrisis minder aandacht voor de medicijntekorten.

Het ministerie bevestigt aan de krant nog niet begonnen te zijn met de aanleg, maar zegt vanwege lopende gesprekken hier geen reden voor te willen geven.

In het najaar van 2019 kondigde toenmalig minister Bruno Bruins (Medische Zorg) aan een medicijnvoorraad te willen aanleggen waarmee groothandels en firma's voor in ieder geval vijf maanden aan de vraag kunnen voldoen. Daarmee zou binnen korte tijd 85 procent van de problemen met de medicijntekorten zijn weggewerkt. De aanleg hiervan moest in 2020 al van start gaan en volgend jaar gerealiseerd zijn.

Maar volgens NRC is de aanleg van de voorraden weinig opgeschoten omdat er onder meer onduidelijkheid is wie er opdraait voor de kosten hiervan. De extra voorraad zou volgens berekeningen ongeveer 100 miljoen euro per jaar kosten. Aanvankelijk zou de helft daarvan betaald moeten worden door farmaceuten en groothandels, de andere helft zou voldaan moeten worden uit hogere zorguitgaven.

Aanleg voorraad financieel risico voor leveranciers en groothandels

Sommige leveranciers en groothandels vinden dat de overheid of zorgverzekeraars moeten opdraaien voor de kosten van de extra voorraden. Met de extra voorraden komt daarnaast ook een financieel risico voor de leveranciers en groothandels. "Als er minder medicijnen worden besteld dan gedacht, kunnen we vijf maanden aan voorraad weggooien", aldus Jean Hermans, voorzitter van Bogin, een branchevereniging van generieke geneesmiddelenfabrikanten, in NRC.

Door de coronacrisis hebben betrokken partijen ook minder aandacht kunnen besteden aan de tekorten. Maar die tekorten zijn nog wel steeds aan de orde van de dag, ziet de krant. Volgens Aris Prins, voorzitter van apothekersorganisatie KNMP, zijn apothekers gemiddeld 17,5 uur per week kwijt aan het zoeken naar oplossingen voor tekorten. Momenteel dreigt er onder meer een tekort aan het antistollingsmiddel fenprocoumon.