DEN HAAG - Oud-minister Jorritsma onthield zich maandag voor de parlementaire enquêtecommissie Bouwnijverheid van een oordeel over haar handelwijze in de bouwfraude.
Jorritsma

Jorritsma is nu VVD-Tweede-Kamerlid en zij vindt dat er een rare situatie ontstaat als zij nu al een oordeel geeft. "Als Kamerlid moet ik straks juist een oordeel geven over Uw werk," hield zij de commssie voor. "U moet feiten vragen en geen opinies."

Jorritsma, die zich moest verantwoorden als oud-minister van Verkeer en als oud-minister van Economische Zaken, wilde zich beperken tot de feiten. Daarmee ergerde ze de commissie, die ook al baalde omdat Jorritsma zich veel gebeurtenissen niet wist te herinneren.

"Heeft u zich wel voorbereid?" vroeg commissielid Ten Hoopen zich vertwijfeld af. Dat had ze, naar eigen zeggen, wel gedaan.

NMa

Als eerste kwam de rol van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) aan orde. Deze heeft in 1998 verzuimd Jorritsma, toen minister van Economische Zaken, te melden dat de NMa met 'klokkenluider' Bos gesproken had over de schaduwboekhouding van Koop Tjuchem.

Zij vond en vindt nog steeds dat de NMa dit niet had hoeven melden, omdat de NMa zich als toezichthouder onafhankelijk moet opstellen.

Schipholtunnel

Tijdens haar periode als minister van Verkeer en Waterstaat, in Paars I, kreeg ze van de financiële afdeling en de beleidsafdeling van tegenstrijdige adviezen over extra subsidie aan de Schipholtunnel.

Dat zei Jorritsma maandag voor de parlementaire enquêtecommissie Bouwnijverheid. Ze stelde 130 miljoen gulden beschikbaar voor de Schipholspoortunnel. Later zou blijken dat de aannemers daar een superwinst gemaakt hadden en dit in de boeken hadden verdoezeld door gebruik te maken van valse facturen. Minister Netelenbos van Verkeer en Waterstaat eiste daarna subsidie terug en ontving 50 miljoen gulden.

Geen conflict

De commissie hield Jorritsma voor, dat de paraaf van de financiële afdeling bij de subsidie ontbrak. Maar volgens Jorritsma ging dat niet gepaard met een groot conflict, omdat ze zich anders de zaak nog wel kon herinneren.

Wel reconstrueerde ze de gang van zaken aan de hand van papieren uit 1995. En daaruit bleek volgens haar dat zij pas tekende voor de subsidie na lang overleg en was het aannemelijk dat de financiële afdeling toen niet langer bezwaren had.