De ministerraad heeft vrijdag ingestemd met een aangepaste coronawet. De spoedwet is al voor de indiening omstreden, onder meer omdat het de politie de mogelijkheid zou bieden om in de huiskamers te controleren of mensen zich wel aan de coronaregels houden. Dat element verdwijnt uit de wet, zei premier Mark Rutte vrijdag na afloop van de ministerraad. Ook de corona-app is niet langer in het voorstel terug te vinden.

De wet dient als vervanging van de lokale noodverordeningen waarmee de coronaregels momenteel worden gehandhaafd. Noodverordeningen zijn echter niet bedoeld om voor langere periode van kracht te zijn, omdat deze worden vastgesteld voor de veiligheidsregio's. De democratische controle en goedkeuring ontbreekt.

Daarom wil het kabinet de regels in een coronawet verankeren, maar daar kwam felle kritiek op. Zo zijn er zorgen om het feit dat de politie achter de voordeur mag controleren of mensen in de krappe huiskamers wel voldoende afstand houden. Ook zijn er zorgen over de corona-app die het bron- en contactonderzoek zou moeten aanvullen.

Die punten worden nu uit het voorstel gehaald. "We hebben geluisterd", zei de premier vrijdag.

De Tweede en de Eerste Kamer moeten zich nog buigen over de wet, die nog niet openbaar is. Een belangrijk punt van kritiek waar de premier niet op is ingegaan, is de kritiek van onder meer Wim Voermans, hoogleraar staatsrecht aan de Universiteit Leiden. Hij ziet dat de coronawet de minister van Volksgezondheid te veel macht geeft om de coronaregels aan te scherpen of te versoepelen.

"De minister kan een jaar lang bij decreet besturen en maakt dat de Kamer niet kan meepraten over het coronabeleid", zei de staatsrechtgeleerde eerder tegenover NU.nl.

Ook de Raad voor de rechtspraak, de Nederlandse Orde van Advocaten, College voor de Rechten van de Mens, de gemeenten en burgemeesters en de Tweede Kamer lieten eerder al stevige kritiek horen.