De Hongaarse minister van Justitie, Judit Varga, is in Brussel door EU-ministers ondervraagd over de vermeende mensenrechtenschendingen in haar land. Het is de eerste hoorzitting in de zogenaamde artikel 7-strafprocedure, ook wel de 'nucleaire optie' genoemd.

Op basis van artikel 7 kan Hongarije tijdelijk zijn stemrecht kwijtraken. Het is de zwaarst mogelijke straf die het Europees Parlement kan opleggen aan een lidstaat.

Hongarije wordt beschuldigd van het uithollen van de onafhankelijkheid van de rechtspraak, ondergraving van de pers- en onderwijsvrijheid en slechte behandeling van migranten. De procedure werd een jaar geleden in werking gesteld naar aanleiding van een rapport van GroenLinks-Europarlementariër Judith Sargentini.

'Op de brandstapel gelegd'

Het land stelt echter dat de beschuldigingen van de EU "politiek gemotiveerd, bevooroordeeld en feitelijk incorrect" zijn. Varga twitterde vooraf dat Hongarije op de "brandstapel" zou worden gelegd vanwege het afwijzen van massa-immigratie.

Europarlementariër Sophie in 't Veld (D66) reageerde hierop: "Hongarije wordt niet op 'de brandstapel' gelegd voor het afwijzen van massa-immigratie, maar voor het schenden van mensenrechten, kapotmaken van de rechtstaat en overtreden van EU-wetten. Speel niet de martelaar."

'We moeten vooruitgang zien'

"De zorgen van Nederland leven bij heel veel landen", zei minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) over de procedure. "Het hele brede veld van inperking van vrijheden werd aan de orde gesteld." Het is volgens hem echter nog te vroeg om te zeggen hoe het verder gaat. "Ik vind dat we de komende tijd echt vooruitgang moeten zien, en als dat niet zo is, moeten doorgaan met deze procedure."

Eind 2017 opende de Europese Commissie ook een artikel 7-procedure tegen Polen vanwege maatregelen die de rechtsstaat in gevaar brengen. Sindsdien hebben meerdere hoorzittingen plaatsgevonden, maar er zijn geen verdere stappen gezet.