DEN HAAG - In 2000 zijn meer gemeenten in de fout gegaan bij de uitvoering van de sociale zekerheidswetten in vergelijking met 1999. Als gemeenten onvoldoende de rechtmatigheid van de uitkeringen kunnen aantonen, krijgen ze een 'financiële maatregel', wat inhoudt dat zij minder geld van het Rijk ontvangen dan van tevoren was berekend.

Jaarverslag

Dat blijkt uit een jaarverslag van de Inspectie Werk en Inkomen (IWI) dat minister Vermeend van Sociale Zaken vrijdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Het gaat om voorlopige gegevens van de gemeenten zelf over onder meer de bijstand, de bijzondere bijstand, de Wet inschakeling werkzoekenden (WIW) en de Wet sociale werkvoorziening (WSW).

7 miljard euro

Jaarlijks is met deze wetten 7 miljard euro gemoeid. De kortingen belopen volgens de woordvoerster in de miljoenen. In 1999 kreeg ruim 30 procent van de grote en middelgrote gemeenten een financiële maatregel. In 2000 zal dat 35 procent van de grote en middelgrote gemeenten zijn, een toename van 5 procent. De gemeenten krijgen een korting als zij ernstige fouten hebben gemaakt bij de uitvoering van de wetten.

86 procent in de fout

In totaal 1999 kreeg 16,9 procent van alle gemeenten gekort op de vergoeding die zij, pas achteraf, van het Rijk ontvangen. Zo'n totaalpercentage kan een woordvoerster van het IWI over 2000 nog niet geven. Wel blijkt dat in 2000 in totaal 86 procent van alle gemeenten fout zat, maar dan worden ook de heel kleine tekortkomingen meegeteld. Dan kan het volgens een woordvoerster gaan om een kopietje dat ontbreekt in het dossier. Pas bij grotere fouten volgt een maatregel.