DEN HAAG - Het is niet wenselijk om mensen die onveilig hebben gevreeën terwijl ze wisten dat ze besmet waren met HIV, strafbaar te stellen als achteraf blijkt dat de sekspartner niet is besmet. De nadelen van schade aan de volksgezondheid wegen waarschijnlijk zwaarder dan de voordelen.

Dat stelt minister Donner (Justitie) mede namens zijn collega's Hoogervorst (VWS) en Pechtold (Bestuurlijke Vernieuwing) in een notitie aan de Tweede Kamer. Uitgangspunt is dat riskant gedrag wel laakbaar is, maar dat dreiging met het strafrecht onvoldoende of zelfs averechts effect heeft.

Het belangrijkste nadeel is het risico dat mensen zich uit angst voor vervolging minder snel zullen laten testen op het virus dat aids veroorzaakt, terwijl dat met het oog op de volksgezondheid juist van belang is. Alleen op basis van zo'n test kan justitie aantonen dat iemand besmet was op het moment dat hij onbeschermde seks had.

Sekspartners

Ook menen de bewindslieden dat strafbaarstelling op gespannen voet staat met het voorlichtingsbeleid van de overheid, waarin wordt gewezen op de eigen verantwoordelijkheid van alle betrokken sekspartners om veilig te vrijen. Ook is het moeilijk te bewijzen dat iemand zijn besmetting heeft verzwegen, vooral als het gaat om vrijwillige contacten.

Aanleiding voor de notitie was een uitspraak van de Hoge Raad half januari in een zaak tegen een man die veroordeeld was, omdat hij onveilig had gevreeën terwijl hij wist dat hij besmet was met HIV. Het slachtoffer raakte niet besmet.

Besmetting

Het hoogste rechtscollege bepaalde dat de zaak over moest, omdat het gerechtshof in Arnhem onvoldoende had vastgesteld dat de verdachte het slachtoffer opzettelijk zwaar lichamelijk letsel probeerde toe te brengen. De kans dat zijn poging zou slagen, was geen "aanmerkelijke kans" omdat er geen sprake was van een serieus risico van besmetting.

In Nederland staan bijna 9800 mensen met HIV geregistreerd, blijkt uit de meest recente cijfers (augustus 2004). Naar schatting 16.500 mensen zijn echter geïnfecteerd met het virus. Velen van hen weten dat dus nog niet.