Bij gewelddadige protesten tegen de geplande stijging van brandstofprijzen zijn in Haïti volgens lokale media zeker zeven mensen om het leven gekomen. Zij werden gedood tijdens plunderingen in en rond de hoofdstad Port-au-Prince. De politie sprak ook van doden, maar gaf geen exact aantal.

Demonstranten staken wegversperringen in brand in de hoofdstad, plunderden winkels, vielen hotels aan en staken auto's in brand, meldt radiozender Metropole. Ook zijn er schoten gelost.

Ook in andere steden in het land werd fel geprotesteerd. Onder meer in Cayes, Jérémie, Cap-Haitien en Jacmel. De luchthavens van het land zijn gesloten. Premier Jack Guy Lafontant laat in een reactie weten het geweld te veroordelen.

De rellen ontstonden nadat de regering op vrijdag heeft aangekondigd dat het de brandstofprijzen wil verhogen. Benzine zou 38 procent duurder worden, diesel krijgt een prijsstijging van 47 procent. Volgens premier Jack Guy Lafontant is dit nodig om het begrotingstekort van de overheid aan te pakken. Inmiddels heeft de regering besloten de prijsverhoging vooralsnog op te schorten.

Schuilplaats

De Amerikaanse ambassade op Haïti heeft het personeel geadviseerd om een schuilplaats te vinden. De Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen American Airlines en JetBlue hebben vanwege de onrust hun vluchten naar het land geschrapt.

Haïti wordt beschouwd als het armste land op het westelijk halfrond. De Caribische staat is voor een groot deel afhankelijk van buitenlandse steun. Corruptie en geweld zijn wijdverbreid.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!