ROTTERDAM - Het Openbaar Ministerie zet duizenden banen op de tocht door straffen te eisen tegen vier bouwbedrijven. Als de rechtbank de vier aannemers veroordeelt voor hun rol in de bouwfraude, zullen zij in de toekomst verstoken blijven van nieuwe opdrachten. Een faillissement zal het gevolg zijn, waardoor het personeel de dupe wordt van de vervolging door justitie.

Dat betoogde advocaat B. van Eijck vrijdag in zijn pleidooi voor de rechtbank in Rotterdam. Hij treedt op namens de bouwonderneming KWS. Dit bedrijf moet zich samen met de branchegenoten Heijmans, Koop Tjuchem en BAM voor de rechtbank verantwoorden voor de bouwfraude. Ook twaalf (ex-)directeuren van de aannemers staan terecht.

Uitsluiten

In de spelregels voor aanbesteding van werk staat dat de overheid bedrijven die veroordeeld zijn in een strafzaak kan uitsluiten. Een veroordeling van KWS zou daardoor direct de 1481 werknemers van de bouwonderneming raken, concludeerde Van Eijck.

Ondergang

"Een dergelijke consequentie van het strafrechtelijk optreden van het Openbaar Ministerie is hoogst ongewenst en onredelijk." Van Eijck stelde verder dat de vervolging door justitie er niet toe mag leiden dat vier bouwconcerns richting de ondergang worden gedreven, terwijl honderden andere bedrijven die een rol speelden in de bouwfraude, vrijuit gaan.

Dubbel gestraft

De advocaten van KWS begonnen vrijdag als laatsten aan hun pleidooi in de strafzaak. Eerder al voerde de verdediging van Koop Tjuchem, Heijmans en BAM verweer tegen de aantijgingen van justitie. Zij verkondigden onder meer dat de bedrijven dubbel gestraft worden, omdat de bouwers ook al boetes hebben gekregen van de kartelwaakhond NMa. Ook bekritiseerden de advocaten de keuze van de aanklagers om slechts enkele ondernemingen en bouwbazen te vervolgen uit de omvangrijke groep die betrokken is bij de bouwfraude.

De rechtbank doet op 7 juni uitspraak. Het OM heeft tegen de bouwondernemingen boetes geëist van 1,8 miljoen tot 2 miljoen euro. De bouwbazen hoorden celstraffen eisen die oplopen tot een jaar onvoorwaardelijk.