ROTTERDAM - Mohammed B. die wordt verdacht van de moord op Theo van Gogh, heeft in een "open brief aan het Nederlandse volk" geschreven dat het Nederlandse volk met het eigen bloed moet betalen voor de slachting van miljoenen moslims. Officier van justitie K. Plooy benadrukte dinsdag dat dit geen grap of grootspraak van hem was.

B. begint de brief met lof aan Allah die de moslims heeft opgedragen "doodt hen", waarmee verwezen wordt naar "het ongelovige volk van Nederland". In de brief prijst hij de aanslagen van 11 september in de Verenigde Staten en vervloekt B. de samenwerking tussen Amerika en Nederland in "de strijd tussen wereldheerschappij van geloof en ongeloof".

B. trekt verder onder meer de conclusie dat "het bloed van deze moslim broeders en zusters gewroken zal worden met uw bloed". Ook schrijft hij: "als schuldige aan de dood en martelingen van onze broeders en zusters zult u met uw eigen bloed uw schuld moeten afbetalen" en "het leven zal voor u in een hel veranderen en u zult pas rust kennen als uw regering, die namens u regeert, ophoudt met het vermoorden en verkrachten van onze broeders en zusters".

"Het zou niet verstandig zijn om de inhoud van deze brief te bagatelliseren", concludeert Plooy. "Want dan wordt de diepe ernst van deze brief niet begrepen, noch de context van de enorme bibliotheek die zorgvuldig onder de verdachten is verspreid, vol met onderbouwende radicaal-politieke literatuur, noch de wijze en het moment waarop deze brief naar boven kwam."

Het document kwam immers aan het licht op het moment dat Mohammed B. zelf als eerste van de groep de uiterste consequentie van zijn ideologie trok, verduidelijkt de aanklager. Dit door "een exponent" van de ongelovigen, Theo van Gogh, daadwerkelijk te vermoorden.

Het OM constateert dat de inhoud van deze brief kennelijk ook voor B. zelf zeer gevoelig ligt. Hij wijst er in zijn testament op (hij had dit opgesteld in het geval de politie hem zou doden), dat de open brief tot negatieve gevolgen voor de "broeders en zusters" zal leiden. Zij moesten in een vergadering maar beslissen of de brief na zijn dood wel of niet openbaar gemaakt zou moeten worden.