PEKING/TOKIO - China biedt Japan geen verontschuldigingen en compensatie aan voor de anti-Japanse protesten. Dat zei de Chinese minister Li Zhaoxing zondag in Peking tegen zijn Japanse collega Nobutaka Machimura. Dit weekeinde gingen opnieuw duizenden Chinezen de straat op.

Machimura toonde zich ontevreden na het gesprek, aldus het Japanse persbureau Kyodo. "De Chinese topleiders schijnen niet te begrijpen wat voor enorme schok deze kwestie bij het Japanse volk teweeg heeft gebracht. Ik vond de reactie zeer betreurenswaardig", aldus de minister.

Li zei tijdens het twee uur durende onderhoud "excessieve acties" niet te steunen, maar liet ook weten dat de "Chinese regering niets heeft gedaan waarvoor het haar verontschuldigingen moet aanbieden aan het Japanse volk". De foute Japanse houding inzake onder meer de Tweede Wereldoorlog is de oorzaak van de protesten, zei een Chinese regeringszegsman.

Schoolboeken

De spanning tussen beide landen loopt de laatste tijd sterk op. De protesten begonnen na een besluit van de Japanse regering om acht schoolboeken goed te keuren waarin de Japanse misdaden tijdens de oorlog worden verdoezeld. De geschiedenisboekjes worden door slechts achttien scholen in Japan als lesmateriaal gebruikt, aldus de BBC.

Naast de protesten over het Japanse oorlogsverleden liep de relatie afgelopen week een nieuwe deuk op toen Tokio aan Japanse bedrijven toestemming gaf om te boren naar olie en gas in een omstreden gebied in de Oost-Chinese Zee. China beschouwt de regio als zijn territorium. Ook levert de Japanse poging om lid te worden van de VN-Veiligheidsraad frictie op.

Om de spanning te verminderen zullen de Chinese president Hu Jintao en de Japanse premier Junichiro Koizumi in de marge van de komende Azië-Afrika top in Jakarta met elkaar overleggen. Beide leiders bezoeken elkaar sinds 2001 niet meer vanwege de jaarlijkse bedevaart van Koizumi naar de Yasukuni Tempel, die als symbool van het vroegere Japanse militairisme geldt.

Gezamenlijke commissie

Bovendien nodigde Machimuro de Chinese premier Wen Jiabao uit voor een bezoek. Hij stelde Li verder voor een gezamenlijke commissie in het leven te roepen die de interpretatie van de geschiedenis zou moeten onderzoeken. Volgens een Japanse functionaris tegen het persbureau Kyodo zei Li alleen maar te willen nadenken over deze mogelijkheid.

Het Chinese Volksdagblad riep zondag het volk op problemen op een ordentelijke en beheerste wijze op te lossen en om de "sociale stabiliteit" te bewaren. Desondanks gingen dit weekeinde weer tienduizenden Chinezen de straat om te protesteren. Volgens deskundigen blijkt uit de omvang van het protest dat Peking het stilzwijgend goedkeurt.

Protesten

In de zuidelijke stad Shenzhen gingen tienduizenden mensen zondag de straat op. Hier werd een pop van Koizumi verbrand. "Wij gaan deze protesten niet stoppen", zei een demonstrant. In Hongkong riepen 5000 man leuzen tegen Japan. Verdere demonstraties waren er volgens het persbureau AFP in Shenyang, Nanning, Zhuhai, Dongguan en Changsha.

In de metropool Sjanghai uitten zaterdag 20.000 man hun ongenoegen. Hier werd het Japanse consulaat bekogeld met onder meer stenen. Ook werden ramen van Japanse restaurants ingegooid. In deze stad wonen 40.000 Japanners en zijn honderden Japanse bedrijven gevestigd. Het is de ergste crisis in de Sino-Japanse relatie sinds beide landen hun diplomatieke banden in 1972 normaliseerden.