ZWOLLE - "Nederlanders zijn wel bereid tot herdenken, maar op een of andere manier ontbreekt het ons aan dat daarvoor noodzakelijke mengsel van overtuiging, ingetogenheid en routine. Het blijft sukkelen met de vierde mei."

Dit zei publicist H.J.A. Hofland donderdag tijdens het symposium 'Herdenken en Verwerken' in Zwolle, georganiseerd ter gelegenheid van zestig jaar bevrijding. Hofland, geboren in 1927 en getuige van de oorlog, haalde uit naar wat hij noemde "de hype om Nederland af te schilderen als een laf volk dat zestig jaar later zij excuses moet aanbieden voor het werkloos toekijken terwijl joodse landgenoten werden weggevoerd."

Lafhartig

"Wie dat doet spreekt voor zichzelf. Zeker, een ongeteld aantal heeft zich buitengewoon lafhartig gedragen en daar maken we geen geheim van. Maar ik heb er tientallen gekend van wie het tegendeel vaststaat. In stilte denk ik: sodemieter op! Ga eerst je eigen oorlog beleven."

Hofland stelde in zijn verhaal grote vraagtekens bij de manier waarop Nederland zestig jaar na afloop van de oorlog met de herdenking omspringt. "Herdenken eist een zekere mate van nationaal eergevoel. Als dat in verval raakt, of langzamerhand beperkt is tot het voetbal, dan blijft het met herdenken ook sukkelen. Dat, vrees ik wel eens, is de toekomst van de vierde mei", aldus Hofland.

Tijdens het symposium in Zwolle stond de vraag centraal hoe Nederland is omgesprongen met het herdenken van de Tweede Wereldoorlog en de manier waarop die gebeurtenis maatschappelijk is verwerkt. Sprekers uit de wetenschap, de journalistiek, hulpverlening en cultuur gaven hun visie op hoe Nederland met de erfenis van 'de oorlog' is omgesprongen.