DEN HAAG - Leerlingen in het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) kunnen volgend schooljaar meer met hun handen gaan werken. Minister Van der Hoeven (Onderwijs) wil dat vmbo'ers de theorie die ze in de klas leren directer gaan toepassen in een praktijkoefening. Ook moeten meer vmbo-leerlingen op het juiste niveau in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) terechtkomen.

Dat staat in een plan van Van der Hoeven dat ze maandag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. "Bij de lessen autotechniek leren vmbo'ers nu nog te veel uit boekjes", zei de minister in een toelichting. "Maar je moet bij knutselen aan een auto beginnen, en dan gaan kijken wat je aan theorie nodig hebt."

Van der Hoeven trekt 100 miljoen uit voor de verbetering van praktijklokalen. Dit is een uitvloeisel van het paasakkoord, waarin staat dat het kabinet eenmalig een half miljard in onderwijs en kennis steekt. De minister wil dat gemeenten en bedrijven hier nog geld bijleggen, zodat er in totaal 300 miljoen op tafel ligt. Vmbo'ers komen in een vervolgopleiding in het middelbaar beroepsonderwijs nog te vaak niet op een te laag niveau terecht.

Daarom wil Van der Hoeven een goede doorstroom van vmbo naar mbo in de wet vastleggen. Tien scholen voor vmbo en mbo gaan experimenteren met een gezamenlijk onderwijsprogramma, waarin leerlingen als vanzelf van de ene school op de andere terechtkomen.

Leerlingen kunnen ook al eerder examen doen, bijvoorbeeld al een paar vakken in het voorlaatste jaar. Ook een langere examenperiode is mogelijk. Dit past bij het streven van Van der Hoeven om scholen meer ruimte te geven het onderwijs toe te snijden op de behoeften van de leerlingen. Op deze manier wil ze zorgen dat er minder leerlingen voortijdig afhaken en ook dat meer vmbo'ers een vervolgopleiding gaan doen. Nu vallen vooral zwakke leerlingen die de laagste vmbo-variant volgen, nog te veel uit.

Leerlingen

Leerlingen die apart onderwijs nodig hebben, omdat ze grote problemen met leren hebben, kunnen in een aparte klas les gaan krijgen. Onder meer de Rekenkamer had zware kritiek op de manier waarop in het vmbo met zogeheten zorgleerlingen wordt omgegaan. Voorheen volgden die speciaal onderwijs, maar nu zitten ze bij andere leerlingen in de klas.

Een aparte leraaropleiding voor het vmbo, waar de laatste tijd stemmen voor opgingen, gaat Van der Hoeven te ver. Wel wil ze dat er op lerarenopleidingen meer gebruikt wordt gemaakt van aanvullende specialisaties voor beroepsonderwijs. Ook kan er een speciaal profiel komen voor beroepsonderwijs in de afstudeerfase van lerarenopleidingen.