PEKING/TOKIO - Tienduizenden Chinezen hebben afgelopen weekeinde geprotesteerd tegen Japan. Zij beschuldigden Tokio van het bagatelliseren van misdrijven tijdens de Japanse bezetting van delen van China (1931-1945).

Het waren de grootste publieke uitingen van onvrede met het buitenland sinds de massale protesten in 1998 tegen het NAVO-bombardement van de Chinese ambassade in Belgrado. De Chinezen zijn boos over de publicatie van een Japans geschiedenisboek, omdat er niets in zou staan over de wreedheden van de Japanners tegen de Chinezen.

Volgens een Japanse diplomaat demonstreerden zondag in de zuidelijke steden Guangzhou en Shenzhen in totaal ongeveer 20.000 personen. De betogers belaagden een Japans consulaat, dat met stenen werd bekogeld. Ook gooiden zij verf en flessen naar zaken die Japanse producten verkopen.

Boycot

Zaterdag betoogden in Peking naar schatting 10.000 personen. De demonstranten eisten dat China de diplomatieke betrekkingen met Japan verbreekt en riepen op Japanse producten te boycotten. Zij bekogelden de Japanse ambassade met stenen, flessen en eieren. Ook de residentie van de Japanse ambassadeur en een Japans restaurant in Peking moesten het ontgelden, evenals Japanse reclame-uitingen.

In verband met de anti-Japanse demonstraties zag de Japanse minister van Buitenlandse Zaken Machimura zich genoodzaakt de Chinese ambassadeur in Japan te ontbieden. Ambassadeur Wang Ti zei na de ontmoeting met Machimura dat zijn land de geweldadige acties niet goedkeurt. De regering in Peking maande de demonstranten tot kalmte.

Geschiedenisboek

Het geschiedenisboek voor middelbare scholieren was al in 2001 goedgekeurd, tot woede van China en Zuid-Korea. Beide regeringen vonden dat Japan zich een veel te glorieuze rol had toegemeten, terwijl het land volgens hen juist agressief was geweest tegen de buurlanden. Zij wezen op de Japanse annexatie van het Koreaanse schiereiland en het bloedbad in de toenmalige Chinese hoofdstad Nanking. Nadat de auteurs 124 wijzigingen hadden doorgevoerd, gaf het ministerie van Onderwijs dinsdag definitief toestemming tot publicatie.