JERICHO - Zeven jaar na de laatste verkiezingen kunnen de Palestijnen midden januari volgend jaar weer een nieuwe president en parlement kiezen. De aankondiging kwam twee dagen na de oproep van de Amerikaanse president Bush om een Palestijns leiderschap te kiezen dat "niet gecompromitteerd is door terrorisme".

De verkiezing is woensdag in Jericho op de Westelijke Jordaanoever door de Palestijnse minister voor Lokaal Bestuur, Seab Erekat, bekendgemaakt. De stembusgang vindt plaats tussen 10 en 20 januari. De verkiezingen kunnen echter alleen doorgang vinden als de bezetting van de Westelijke Jordaanoever door Israël wordt opgeheven, benadrukte Erekat.

Arafat neemt deel aan de presidentsverkiezingen volgend jaar. "Hij heeft dat tegen mij bevestigd", zei minister van Internationale Samenwerking Nabil Shaath. De positie van Arafat ligt zwaar onder vuur na de oproep van president Bush. Maar volgens de laatste opiniepeilingen is Arafat nog steeds de populairste politicus onder de Palestijnen.

Verliezend paard

Na de rede van Bush heeft echter geen van Arafats Arabische bondgenoten onvoorwaardelijke steun voor hem uitgesproken. "Niemand zet zijn geld graag op een verliezend paard", aldus de Jordaanse analist Fahd Fanek. "De politieke doodstraf is tegen Arafat uitgesproken." Volgens hem zijn de Arabische leiders bang voor hun eigen positie nu openlijk wordt gesproken over het vervangen van politieke leiders.

De radicale groeperingen Hamas en Islamitische Jihad willen alleen aan de presidents- en parlementsverkiezingen deelnemen als de Palestijnse Autoriteit en het parlement de Oslo-Akkoorden met Israël opzeggen. Een definitieve beslissing over deelname wordt later genomen. Minister Shaath waarschuwde ervoor dat "Hamas een aanzienlijk resultaat zal boeken en misschien zelfs een meerderheid in het parlement zal halen."

'Honderddagenplan'

Tijdens de persconferentie in Jericho kondigde minister Erekat ook een 'honderddagenplan' aan dat verregaande hervormingen beoogt op financieel-, juridisch- en veiligheidsgebied. Hij ontkende dat de voorstellen een directe reactie zijn op Bush' rede en zei dat het honderdagenplan al twee dagen klaar was toen Bush zijn toespraak hield. The New York Times meldde woensdag dat president Bush besloot op te roepen tot het vertrek van Arafat, nadat hem ter ore was gekomen dat de Palestijnse leider geld had overgemaakt aan een radicale Palestijnse organisatie. Hij zou 20.000 dollar (20.362 euro) hebben betaald aan de al-Aqsa Martelaren Brigades die verantwoordelijk zijn voor verscheidene zelfmoordaanslagen op Israëlische burgers.

Druk op Arafat

In het Canadese Kananaskis voerde Bush woensdag de druk op Arafat verder op. Hij dreigde de Amerikaanse hulp aan de Palestijnse Autoriteit achter te houden als zij niet snel verregaande politieke- en veiligheidshervormingen uitvoert. Bush zei dat hij geen geld wilde stoppen in een land dat "corrupt en niet transparant is." Volgens hem denken andere landen er ook zo over. In Kananaskis vergadert de G-8, de zeven belangrijkste industrielanden en Rusland.

Acties van Israël

Intussen zet Israël zijn militaire operatie tegen radicale Palestijnse groeperingen zoals Hamas en de al-Aqsa Martelaren Brigades op de Westelijke Jordaanoever voort. Vooral het lokale hoofdkwartier van de Palestijnse Autoriteit in Hebron ligt onder vuur. Verscheidene gebouwen zijn al vernietigd. In het gebouw zouden zich mogelijk een aantal Palestijnse militanten schuilhouden.

In het vluchtelingenkamp in Jenin werd een zesjarig Palestijns jongetje doodgeschoten door Israëlische soldaten toen hij een tank met stenen bekogelde. Een jongen van twaalf werd met schotwonden in het ziekenhuis opgenomen.

Dossier/Midden oosten