ROTTERDAM - De rechtbank in Rotterdam heeft de 18-jarige terreurverdachte Samir A. niet veroordeeld voor het beramen van aanslagen in Nederland. De rechtbank sprak hem van die aanklacht vrij wegens onvoldoende bewijs. De advocaat van A. is 'buitengewoon verheugd'.

Het Openbaar Ministerie (OM) eiste twee weken geleden zeven jaar cel tegen hem. Justitie heeft hem concreet vervolgd voor de voorbereiding van aanslagen op onder meer de Tweede Kamer, de kerncentrale in Borssele, Schiphol, het ministerie van Defensie en het gebouw van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) in Leidschendam.

Verboden wapenbezit

De rechtbank veroordeelde A. tot drie maanden gevangenisstraf wegens verboden wapenbezit. A. had een patroonhouder, een geluiddemper en een neppistool in zijn bezit. Ook een overval op een supermarkt achtte het rechtscollege niet bewezen. Daarvan werd A. eveneens vrijgesproken.

Plattegronden

Bij doorzoekingen van zijn huis vond de politie plattegronden van de in de aanklacht genoemde locaties. Die waren voorzien van aantekeningen. Ook trof de politie enorme hoeveelheden radicaal islamitisch materiaal aan, waaronder informatie hoe je aanslagen kunt plegen en fragmenten van het doodschieten en onthoofden van een persoon.

Kiesrecht

Het OM had hoog ingezet tegen A. Officier van justitie R. Lambrichts had de rechters ook gevraagd zowel het actieve als passieve kiesrecht van A. af te nemen, wat een uitzonderlijke stap van het OM genoemd mag worden. Het argument van justitie was dat de verdachte heeft geprobeerd de democratie aan te tasten. "Met dit soort acties wordt beoogd de Nederlandse rechtsstaat te ontwrichten en angst en tweedracht te zaaien in onze samenleving", concludeerde de aanklager.

Hij voerde aan dat de verdachte de Nederlandse nationaliteit heeft en daarom zijn recht om te kiezen en gekozen te worden, moet verliezen. Omdat de beschuldiging van het beramen van aanslagen niet bewezen is verklaard, is dit verzoek niet ingewilligd.

Hofstadgroep

Justitie vermoedt ook dat Samir A. deel uitmaakt van de vermeende terreurorganisatie de Hofstadgroep. Daarvoor heeft het OM hem in dit proces nog niet strafrechtelijk aangepakt, omdat het onderzoek hiernaar nog lang niet af is. Wel blijft deze aanklacht voorlopig boven zijn hoofd hangen.

De advocaat van Samir A., V. Koppe, is "buitengewoon verheugd" over het vonnis van de rechtbank. "Deze rechtbank heeft opnieuw een rechte rug getoond", aldus de raadsman, die daarbij verwees naar eerdere vrijspraken van de Rotterdamse rechtbank in terreurzaken.

"Dit vonnis doet recht aan de wet", zei Koppe woensdag. Hij is met de rechtbank van mening dat de aanwijzingen tegen zijn cliënt te vaag zijn geweest om hem te kunnen veroordelen voor het beramen van terroristische aanslagen.

Het Openbaar Ministerie (OM) toonde zich teleurgesteld over de uitspraak. "Het lijkt evident dat A. bezig was een ontploffing voor te bereiden", aldus persofficier van justitie A. den Hartigh. Het OM wil het vonnis eerst bestuderen, maar volgens Den Hartigh is de kans groot dat het in hoger beroep zal gaan.