WASHINGTON - De Amerikaanse regering acht zich niet langer gebonden aan een internationale bepaling die voorschrijft dat buitenlandse terdoodveroordeelden in de VS toegang moeten krijgen tot diplomaten uit hun vaderland. Washington wil daarmee voorkomen dat het Internationaal Gerechtshof in Den Haag zich nog langer kan bemoeien met buitenlanders in de VS die de doodstraf hebben gekregen.

Volgens de The Washington Post van donderdag heeft minister van Buitenlandse Zaken, Condoleezza Rice, op 7 maart een brief gestuurd aan de hoogste baas van de Verenigde Naties. Kofi Annan. Daarin deelt ze mee dat Washington "zich terugtrekt" uit een onderdeel van de Conventies van Genève.

Protocol

Dit zogeheten optioneel protocol uit de jaren zestig bepaalt dat het VN-hof in Den Haag een oordeel kan vellen over opgelegde doodstraffen aan buitenlanders in de VS als de betrokkenen kunnen aantonen dat zij niet de vereiste bijstand hebben gehad van diplomaten uit hun geboorteland. Het gaat dan bijvoorbeeld om ambassadepersoneel of consulair medewerkers.

Doodstraf

In de afgelopen jaren hebben enkele landen en ook groeperingen die tegen de doodstraf zijn, met succes doodstraffen in de VS aangevochten in Den Haag. Ongeveer een jaar geleden bepaalde het Internationaal Gerechtshof nog dat de VS de doodvonnissen moeten herzien van 51 veroordeelde Mexicanen. De betrokken Mexicanen kregen vervolgens de kans hun zaak opnieuw voor te leggen aan Amerikaanse rechters. Een oordeel over hun zaken is er nog niet.

Het hooggerechtshof in de VS moet zich bovendien nog buigen over een klacht van een van de veroordeelde Mexicanen. Die vindt dat de regering in Washington voluit gehoor moet geven aan het oordeel van het VN-hof in Nederland.

De stap van de regering-Bush is zeker niet de eerste die is gericht tegen internationale verdragen of internationale juridische instanties. Washington is onder meer ook fel gekant tegen het Internationaal Strafhof in Den Haag en tegen een internationaal verdrag over de uitstoot van broeikasgassen.

Bush

Bush omzeilt ook de internationale afspraken voor de behandeling van krijgsgevangen, zoals omschreven in de Conventies van Genève, door buitenlandse verdachten van terrorisme als "vijandige strijders" te omschrijven. Deze groep wordt zonder formele aanklacht gevangen gehouden en ze krijgt bovendien geen of beperkt toegang tot advocaten.