UTRECHT - Het tekort aan huisartsen is minder groot dan verwacht. In 2002 leek nog dat er in 2012 een tekort van 2200 huisartsen (1700 voltijds werkende huisartsen) zou zijn. Uit deze week gepubliceerde cijfers blijkt dat echter mee te vallen. De toename van huisartsen is groot genoeg om de bevolkingsgroei en pensionering van huisartsen op te vangen.

Dat stelt het Capaciteitsorgaan, dat in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid de ontwikkelingen in kaart brengt. Volgens het orgaan is de toename echter niet groot genoeg om de vergrijzing van de bevolking, de extra vraag van patiënten en de daling van het aantal huisartsen dat voltijds wil werken, op te vangen.

Het Capaciteitsorgaan stelt echter dat het gebrek aan huisartsen kan worden teruggedrongen door hun werkdruk te verminderen, hun opleiding korter te maken, meer praktijkondersteuners of zogenoemde nurse practitioners (gespecialiseerde verpleegkundigen) in te zetten en door hen efficiënter te laten werken.

Voorzitter B. Vos van de Landelijke Huisartsenvereniging reageert boos op het rapport. Volgens Vos gaat het Capaciteitsorgaan zijn boekje te buiten door oplossingen aan te dragen. "Het Capaciteitsorgaan moet cijfers leveren, geen beleid maken", stelt hij in het vakblad Medisch Contact van vrijdag. Volgens Vos is het ook niet mogelijk om de opleiding voor huisartsen te verkorten. Dat is in strijd met Europese regelgeving, stelt hij.

Het Capaciteitsorgaan wijst de kritiek van de hand. Het stelt dat het de oplossingen niet zelf verzint, maar aangeeft wat de gevolgen van bepaalde maatregelen zijn. Zo is over het verkorten van de opleiding in het rapport opgenomen dat de effecten daarvan slechts éénmalig zijn.