DEN HAAG - Kartelwaakhond NMa heeft maandag bouwbedrijven nog eens voor circa 135 miljoen euro beboet. Ondernemingen in de grond- wegen- en waterbouw hadden eerder al 100 miljoen euro aan boetes moeten betalen. Dat heeft de Nederlandse Mededingingsautoriteit maandag bekendgemaakt.

De boetes zijn opgelegd aan 344 bedrijven en variëren van enkele duizenden tot vele miljoenen euro's per onderneming. De bedrijven hebben volgens de NMa deelgenomen aan een verboden kartelstructuur. Daarnaast waren sommige betrokken bij illegale onderlinge afspraken over grote infrastructurele werken, waaronder de HSL-Zuid.

Schoon schip

Met deze boetes is de versnelde procedure afgerond die was ingevoerd om snel 'schoon schip' te maken na de parlementaire enquête over de bouwfraude. De NMa maakt pas in de loop van de volgende maand bekend hoeveel boete de individuele bedrijven moeten betalen. Onder de beschuldigde bedrijven zitten grote concerns als BAM, Ballast Nedam en KWS.

Bij het bepalen van de gekozen boetesystematiek heeft de kartelwaakhond onder meer in overweging genomen dat de overheid in bepaalde gevallen 'de kartelvorming heeft begunstigd'. Dat was mede aanleiding om de boetes enigszins te matigen, aldus de NMa.

Daarnaast hebben de bedrijven een extra korting gekregen op hun boete wegens hun besluit om mee te werken aan deze versnelde procedure. Bedrijven met een omzet van minder dan 10 miljoen euro per jaar, hebben daar bovenop nog eens een extra korting gekregen.

De boetes per onderneming, waarvoor in zijn algemeenheid geldt dat ze overeenkomen met 10 procent van de aanbestedingsomzet in 2001, kunnen nog lager uitvallen.

De kartelwaakhond stelt in dat verband een boetevermindering van 10 procent in het vooruitzicht als de bedrijven er collectief in slagen om uiterlijk 15 februari met overheden een financiële regeling treffen. Het gaat hier om gemeenten, provincies en de rijksoverheid die als opdrachtgevers schadevergoeding eisen omdat zij door de verboden afspraken tussen de bouwers zijn benadeeld.

Mokerslag

De NMa had in december 2003 al aan 22 bouwbedrijven boetes opgelegd met een totaalbedrag van 100,7 miljoen euro wegens verboden afspraken. Meer dan een kwart hiervan werd op het bordje gelegd van BAM, het grootste bouwbedrijf van Nederland. De hoogte van de boete trof de sector als een mokerslag.

De mededingingsautoriteit zegt nu bereid te zijn de hoogte van de boetes uit 2003 te heroverwegen, nu de GWW-sector heeft aangegeven "volledig schoon schip" te willen maken. Voorwaarde voor een korting van 10 procent is ook hier dat de bedrijven het met de overheden eens worden over een financiële regeling. De NMa is daarbovenop bereid de resterende boetebedragen met maar liefst 45 procent te verminderen.

Met het uitdelen van deze boetes is het fraude-onderzoek in de GWW-sector voor de NMa grotendeels achter de rug. De kartelwaakhond is nog bezig met zijn onderzoek naar de installatiesector en de utiliteitsbouw (kantoren, scholen en dergelijke). Het gaat daarbij goeddeels om dezelfde spelers.

De strafrechtelijke afhandeling van de bouwfraude, die in 2001 aan het rollen kwam via een schaduwboekhouding van klokkenluider A. Bos, is nog volop bezig. Hier gaat het om de rol van vier grote bouwbedrijven en hun managers. De rechtbank in Rotterdam heeft eind vorig jaar vijf ambtenaren bestraft voor hun betrokkenheid bij de bouwfraude. Zij kregen overwegend taakstraffen.