DEN HAAG - Het vertrek half maart van de Nederlandse militairen uit Irak is nog niet definitief. Premier Balkenende weigerde vrijdag na afloop van de ministerraad een verlenging van de huidige missie van 1350 militairen uit te sluiten.

Het kabinetsbesluit van afgelopen zomer om de missie half maart te beëindigen is volgens Balkenende "onveranderd". "Ga ervan uit dat dat zo blijft, maar we sluiten onze ogen niet voor internationale ontwikkelingen en het debat in de Tweede Kamer", aldus de premier.

Balkenende verwijst daarmee naar druk van vooral de Britten om langer in Irak te blijven. Ook de Amerikanen en de Japanners zouden dat graag zien. In Nederland pleit sinds kort behalve de VVD ook de fractie van het CDA, Balkenendes eigen partij, voor een verlenging van de missie.

De premier zei ook dat het kabinet er later opnieuw over zal praten. Balkenende, Bot en Kamp spreken maandag in kleiner comité, waarschijnlijk met de vice-premiers De Graaf en Zalm, over Irak.

Overigens besloot het kabinet vrijdag wel mee te doen aan de NAVO-trainingsmisie in Irak. Daarvoor zullen vijftien Nederlandse instructeurs naar de Groene Zone in Bagdad gaan, samen met tien marechaussees voor de beveiliging.

Minister Bot van Buitenlandse Zaken zei na de ministerraad dat het kabinet nog altijd van plan is de Nederlandse militairen half maart terug te trekken. Hij erkende dat er "druk" is vanuit de Kamer om de missie te verlengen.

"Daarover moeten we ons in het kabinet buigen en de puntjes op de i zetten", aldus Bot. Bot heeft eerder gezegd dat de 1350 militairen weggaan tenzij er "onvoorziene omstandigheden" zouden optreden. Vrijdag zei Bot: "Ik voorzie geen onvoorziene omstandigheden." Alleen een uitstel van de verkiezingen zou voor Bot daaronder vallen.

Dat de Iraakse veiligheidsdiensten in de 'Nederlandse' provincie Al Muthanna mogelijk niet klaar zijn om de taken van de Nederlanders op eigen kracht over te nemen, valt volgens Bot niet onder onvoorziene omstandigheden.

De PvdA-fractie in de Tweede Kamer blijft "mordicus tegen" een verlenging van de aanwezigheid van Nederlandse militairen in Irak. Het zou bovendien "onbegrijpelijk en onverantwoord zijn als het kabinet daar twee maanden voor de terugkeer van de manschappen onduidelijkheid over laat bestaan". Dat zei het PvdA-Tweede-Kamerlid Koenders vrijdag in een reactie op de weigering van premier Balkenende volstrekte helderheid te verschaffen over het Nederlandse standpunt.

"Een klein land als Nederland moet geen onduidelijkheid laten bestaan over de afspraken die zijn gemaakt. Nederland moet geen open einde van een missie willen en al helemaal niet als, zoals in Irak, alle toekomstscenario's op drijfzand zijn gebouwd."