ENSCHEDE - Nederlandse scholieren blijven het goed doen in de exacte vakken. Zowel op de basisschool als in het voortgezet onderwijs staan Nederlandse leerlingen in de mondiale toptien als het gaat om wiskunde en andere bètavakken als natuur- en scheikunde en biologie. Vooral in het laatste vak behoren Nederlanders tot de wereldtop.

Dat blijkt uit het internationale TIMSS-onderzoek naar onderwijs in exacte vakken, waarvan de Universiteit Twente het Nederlandse deel uitvoerde. Bijna 6000 Nederlandse leerlingen legden een toets af.

Aziaten

Aziatische scholieren voeren net als in vorige jaren de ranglijsten in natuurvakken op de basisschool aan, maar in biologie weten Nederlandse leerlingen in groep zes hen te evenaren. Samen met scholieren in Singapore bezetten ze de eerste plaats voor dit vak. In het westen zijn alleen Vlamingen beter in wiskunde en rekenen dan Nederlanders.

In het basisonderwijs haalt Nederland in deze vakken de zesde plaats, in het natuuronderwijs de tiende. Leerlingen uit het tweede jaar van het voortgezet onderwijs staan in natuurvakken op de achtste plaats op de internationale ranglijst, voor wiskunde staan ze nog een plaatsje hoger.

Ook in de vorige edities van dit wereldwijde onderzoek deed Nederland het al goed. De meest recente resultaten wijken daar nauwelijks vanaf. Alleen de rekenprestaties van basisscholieren liepen iets terug.

Natuurvakken

Meisjes hebben zowel op de basis- als de middelbare school meer moeite met natuurvakken dan jongens. Op de basisschool geldt dit ook voor rekenen, maar in het voortgezet onderwijs is dit onderscheid verdwenen.

Vorige week verscheen ook nog een onderzoek van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) waarin Nederlandse scholieren goed naar voren kwamen. Hier scoorden de Nederlandse leerlingen vooral goed in wiskunde, maar ook in lezen, kennis van de wetenschap en het oplossen van problemen slaan zij een goed figuur.