NEW YORK/WASHINGTON - De hoogste baas van de Verenigde Naties, Kofi Annan, heeft dinsdag oproepen om zijn aftreden van de hand gewezen. "Ik heb nog veel taken te doen en ik zet mijn werk voort", aldus Annan tegen verslaggevers in New York. Annan, onder vuur wegens vermeende fraude bij het Iraakse olie-voor-voedselprogramma. heeft intussen steun gekregen van grote Europese landen als Duitsland, Spanje Frankrijk en Groot-Brittannië.

In de Verenigde Staten daarentegen steunden maandag opnieuw Republikeinse Congresleden aan op het ontslag van de secretaris-generaal. Een van hen opperde zelfs de VN-topman op te sluiten. "Kofi Annan moet vertrekken", zei Dan Burton tegen de pers.

Hij sprak over het olie-voor-voedselprogramma van de VN en de miljarden dollars die de voormalige Iraakse president Saddam Hussein daaraan had weten over te houden. Scott Garrett zei dat de vraag was of Annan "in de gevangenis hoorde". Volgens Vito Fossella moet Annan aftreden, "niet alleen vanwege het olie-voor-voedselprogramma, maar ook omwille van de VN".

Bewijzen

Senator Norm Coleman, die onderzoek doet naar het VN-programma, zei vorige week bewijzen te hebben gevonden dat VN-functionaris Benon Sevan, die het programma leidde, steekpenningen had ontvangen van Saddams regime. Coleman pleitte toen voor het aftreden van Annan, net als diverse andere Amerikanen. De VS betalen het grootste deel van het budget van de VN. Ook speelt een rol dat Annan de aanval op Irak "illegaal" heeft genoemd.

Tussen 1995 en 2003 mocht Irak onder streng toezicht olie verkopen. In ruil daarvoor kreeg het land voedsel en medicijnen voor de bevolking. Een deel van het geld zou echter zijn gebruikt om buitenlandse functionarissen, inclusief VN-medewerkers, en bedrijven om te kopen om meer olie te kunnen verhandelen.

Geen enkele aanwijzing is er dat Annan ervan heeft geprofiteerd, maar de VN-topman raakte in opspraak toen duidelijk werd dat zijn zoon Kojo tot februari betalingen bleef ontvangen van een Zwitsers bedrijf dat betrokken was bij het programma.