DEN HAAG - De inburgeringsplicht gaat niet alleen gelden voor allochtonen maar voor iedereen die minder dan acht jaar onderwijs in Nederland heeft gehad. Het is discriminerend als de plicht om een inburgeringsexamen te halen alleen aan migranten wordt opgelegd.

Het kabinet is vrijdag akkoord gegaan met deze gewijzigde voorstellen voor een nieuw inburgeringsstelsel van minister Verdonk van Vreemdelingenzaken en Integratie. De bewindsvrouw had haar eerdere plannen moeten aanpassen na een advies van de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ). Dinsdag zal zij de Tweede Kamer informeren over het voorgenomen nieuwe inburgeringsstelsel.

Inburgeringsplicht

In de praktijk komt het erop neer dat vooral mensen van buitenlandse komaf onder de inburgeringsplicht vallen. Autochtonen voldoen veelal aan de eis van acht jaar scholing. Verdonk en het kabinet vinden het belangrijk dat zo veel mogelijk migranten die slecht Nederlands spreken, alsnog een inburgersexamen doen. De gedachte is dat zij dan meer gaan deelnemen aan de samenleving.

Analyse

De ACVZ maakte een juridische analyse van de zogeheten eerste contourennota die de Tweede Kamer in de zomer besprak. Verdonk wilde eerst alle migranten tot 65 jaar, ook de mensen die al jaren in Nederland wonen, verplicht laten inburgeren. Werklozen en vrouwen in een achterstandspositie zouden als eerste in aanmerking moeten komen. De commissie dacht mee met oplossingen voor een aantal knelpunten in het eerdere plan.

In een interview met NRC Handelsblad zei ACVZ-voorzitter Van Os van den Abeelen vrijdag dat het aanvankelijke plan van Verdonk juridisch niet kon. De bewindsvrouw wilde onderscheid maken naar drie typen Nederlanders op grond van afkomst of geboorteland, waarvan er twee verplicht zouden worden om een inburgeringsexamen te halen. "Dat is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel", aldus Van Os van den Abeelen.

Afkomst

De oplossing waarmee de ACVZ nu is gekomen, omzeilt dat probleem. "Niet afkomst of land van geboorte moet als onderscheid-criterium dienen, maar of iemand voldoende kennis heeft van Nederland en de samenleving." De commissie gaat ervan uit dat iemand met acht jaar onderwijs in Nederland die kennis heeft.

Een uitzondering wordt gemaakt voor EU-burgers en hun familieleden, mensen die om medische redenen het examen niet kunnen halen en bezitters van een diploma van een Nederlandse middelbare school, hogeschool of universiteit.

Verdragen

Ook specifieke handels- en of vriendschapsverdragen kunnen reden zijn voor een uitzondering, zoals het Associatieverdrag met Turkije. Volgens Van Os van den Abeelen maakt dat het in elk geval onmogelijk om de plicht op te leggen voor werknemers van de eerste generatie. Hoe dat met latere generaties zit, durft hij geen uitspraken te doen. Daarover "zijn rechtswetenschappers het onderling niet eens".

De ACVZ-voorzitter zet grote vraagtekens bij de wens van Verdonk om iedereen te kunnen straffen die het examen niet haalt. "Volgens ons kan dat alleen bij aantoonbare verwijtbaarheid. Dat beboeten kan niet jaar op jaar doorgaan en bovendien is verwijtbaar gedrag soms moeilijk te bewijzen."