EINDHOVEN - Honderden familieleden en bekenden hebben donderdagmiddag op de vliegbasis Eindhoven, vaak erg emotioneel, de ongeveer 160 militairen verwelkomd die de afgelopen vier maanden deel uitmaakten van de Stabilisation Force Iraq (SFIR). In die periode kwam wachtmeester der eerste klas Jeroen Severs om het leven en raakten vijf andere soldaten ernstig gewond.

De commandant van het Operationeel Commando, generaal-majoor L. Noordzij, heette de eenheid welkom. Hij zei blij te zijn dat de manschappen weer terug zijn op vaderlandse bodem. "De praktijk heeft helaas geleerd dat dit geen vanzelfsprekendheid is", aldus de generaal. Hij las de belangrijkste conclusies voor van het woensdag aan de Tweede Kamer aangeboden rapport over het incident waardoor Severs om het leven kwam. Hij benadrukte dat daaruit overduidelijk blijkt dat de Nederlandse militairen uitermate professioneel hebben gereageerd op de beschieting.

Noordzij betreurt het dat de verantwoordelijken voor de aanslag nog niet worden vervolgd. Kennelijk gelden volgens hem in Irak andere regels. "Gelukkig gaat het onderzoek nog door. Het zou prettig zijn als de daders alsnog worden opgepakt en berecht."

De nu teruggekeerde militairen hebben het vierde detachement gevormd dat deel uitmaakte van SFIR. Ze hebben een bijdrage geleverd aan de veiligheid en de stabiliteit in de provincie al Muthanna, in het zuiden van Irak. Ook hebben ze veel aandacht besteed aan civiel-militaire projecten. Zo is onlangs de rondweg in as Samawah geopend. Daardoor is de verkeersveiligheid ter plaatse erg toegenomen.

Nederland levert sinds augustus 2003 met ongeveer 1350 militairen van de landmacht, de luchtmacht, de marine en de marechaussee een bijdrage aan SFIR. De eenheid staat in Irak onder Brits commando.