De motorbendes die in Nederland actief zijn, tellen volgens de politie veel leden die er eigenlijk uit willen stappen. Uit angst voor de gevolgen durven ze dat alleen vaak niet.

Dat zegt politiecommissaris Pim Miltenburg in een zaterdag verschenen interview met het AD.

"Wie wil vertrekken, moet duizenden euro's betalen", aldus de politiechef. Volgens justitie is dat precies wat eind vorig jaar op het platteland van Groningen gebeurde met een 47-jarig ex-lid van No Surrender.

Hij werd ontvoerd, mishandeld en volgens het Openbaar Ministerie voor 5.000 euro afgeperst nadat hij in conflict was gekomen met zijn clubgenoten. In de zaak zitten vier mensen vast.

Verdienmodel

Volgens Miltenburg, die de aanpak van motorbendes leidt, hebben de organisaties "er haast een verdienmodel van gemaakt om mensen buiten te gooien, hen af te rossen en vervolgens af te persen."

Miltenburg stelt dat het aantal ex-leden dat zich toch bij de politie meldt groeit, maar hij noemt geen cijfers. "Motorbendes kennen geen broederschap", zegt hij. Volgens hem zijn het "ordinaire criminele bendes".

Onvoldoende mogelijkheden

In de Tweede Kamer lopen de meningen momenteel uiteen over de wenselijkheid van een algemeen verbod op motorbendes. De burgemeesters, die te maken hebben met motorbendes in hun gemeente, vinden dat ze onvoldoende mogelijkheden hebben om de groeiende overlast van de bendes aan te pakken en daarom pleit driekwart voor een verbod.

Bijna de helft van de eind vorige jaar ondervraagde burgemeesters (47 procent) ervaart overlast van de motorbendes in hun gemeente. Volgens 44 procent is die in de afgelopen vijf jaar toegenomen.

Grondwettelijk recht

De inmiddels afgetreden jusititieminister Ard van der Steur kondigde eerder dit jaar al aan een verbod te onderzoeken, maar wees daarbij op de moeilijkheden hiervan. Er bestaat immers een grondwettelijk recht op vereniging.

Het Openbaar Ministerie (OM) probeert nu via een zaak een verbod af te dwingen, zoals dat eerder is gedaan met de pedofielenvereniging Martijn.