De wapenstilstand in en rond Aleppo is voorbij. Vrijdag beschoten rebellengroepen de stad met granaten en voerde het Syrische leger luchtaanvallen uit in het gebied buiten de stad.

Donderdag maakte het Syrische regeringsleger bekend de stad met dank aan zijn bondgenoten geheel onder controle te hebben gekregen. 

De laatste opstandelingen uit de oostelijke wijken zijn donderdag naar plaatsen in de regio Idlib gebracht, waar tegenstanders van president Assad de dienst nog wel uitmaken. Volgens de in Coventry gevestigde oorlogsmonitor voelen ze zich niet verslagen, aangezien ze Aleppo nog steeds met artillerie beschieten.

Een rebellengroepering vuurde vrijdag tien granaten af op al-Hamdaniya, een district in het zuidwesten. Het kostte zes mensen het leven, onder wie twee kinderen. De Syrische staatstelevisie sprak van zeker drie doden.